Stilteprotest tegen Coen-verheerlijking blijkt opvallend effectief (beeldverslag)
Gisteren vond er in Hoorn de zevende demonstratie plaats in een reeks van tien acties voor verplaatsing van het standbeeld van de genocidepleger Jan Pieterszoon Coen naar het Westfries Museum. Ook deze actie was georganiseerd door We Promise en de Werkgroep Slavernijverleden Hoorn, maar had een ander karakter dan de zes vorige. Deze keer ging het om een stilteprotest, waarbij de deelnemers in het zwart waren gekleed, een twaalf meter zwart laken met zich meedroegen en een serie gelijkvormige borden met een variatie aan teksten toonden. Het was verheugend dat de opkomst deze keer hoger was dan vorige keren. Er deden zo’n vijftig mensen aan mee.
Tijdens de tocht vanaf station Hoorn naar het plein Roode Steen, waar het standbeeld van Coen staat, bleven de demonstranten volgens afspraak stil. Dat vormde een scherp contrast met de zes eerdere protesten en zorgde voor een waardige en bijna plechtige sfeer die opvallend effectief bleek. Want in tegenstelling tot eerdere demonstraties vond er gedurende de tocht veel minder provocatie, intimidatie en agressie plaats van de kant van omstanders, voorbijgangers en tegendemonstranten, en vanuit huizen die langs de demonstratieroute liggen.
Vanwege de stilte en de donkere uitstraling van de stoet trokken juist de teksten op de witte borden enorm veel aandacht. “In Hoorn is het normaal dat een massamoordenaar en mensenhandelaar op een plein staat”, konden de inwoners van Hoorn bijvoorbeeld lezen. “Hoorn, doe beter! Wegkijken in plaats van verantwoordelijkheid nemen is een schande”, “Coen bezorgde Nederland de naam ‘wreedste natiestaat ter wereld’”, “De schatkamer van Hoorn is een VOC-bloedbad”, met dit soort teksten werden de mensen op straat geconfronteerd. Ook het gemeentebestuur van Hoorn werd aangesproken, met teksten als “Gemeente Hoorn, u draagt bij aan het in stand houden van koloniale verheerlijking”, “Gemeente Hoorn, waarom staat een symbool van koloniaal geweld nog steeds midden in onze openbare ruimte?” en “Burgemeester, u kijkt weg terwijl er in uw stad nog steeds een genocidepleger op een sokkel wordt vereerd”.
Hoewel er nog steeds Coen-fans bleken te zijn die ook tijdens een stiltetocht de deelnemers eraan meenden te moeten lastig vallen met voluit schreeuwen, werd er deze keer niemand van de demonstranten fysiek aangevallen of op een andere manier zichtbaar bedreigd, werden er geen eieren en geen bakken met water gegooid, werden er veel minder middelvingers opgestoken, en hielden zelfs de Coen-fans die meededen aan de tegendemonstratie zich redelijk koest.
Grappig genoeg stonden die tegendemonstranten deze keer met hun rug naar het stilteprotest toe, omdat zij niet langer de tekstborden van het dekoloniale protest onder ogen wilden komen waarop zij geen zinnige reactie konden en wilden geven. Meerdere deelnemers aan het stilteprotest viel het op dat er op straat relatief veel steunbetuigingen voor onze actie konden worden waargenomen, iets dat bij de vorige demonstratie op 22 augustus ook al het geval was. Het valt te hopen dat het tij in Hoorn langzamerhand aan het keren is.
Een fraai sluitstuk van de dekoloniale actie vormde het moment waarop veel deelnemers zich aan de voet van het standbeeld van Coen schaarden, elk met een tekstbord in de hand. Het lange laken was inmiddels om de sokkel van het beeld heen gedrapeerd. Zo was de zeventiende eeuwse koloniale crimineel Coen ingesloten door zijn hedendaagse tegenstanders, voor een deel nazaten van gekoloniseerden. De actie verschafte de deelnemers veel energie om de strijd voort te zetten. En een van de tekstborden gaf daar ook uiting aan: “Zolang het standbeeld er staat, zal er actie gevoerd worden, toen, nu en in de toekomst”.
Harry Westerink
Reacties (0)
Voeg nieuwe reactie toe
Wij tolereren geen: racisme, seksisme, transfobie, antisemitisme, ableisme enz.