Geschiedenis van het gewapend verzet van Gaza (deel 2)
Gaza is vlak, zo vlak dat zelfs de kleinste verhoging van het land al een heuvel wordt genoemd. Je zou denken dat in zo’n omgeving gewapend verzet onmogelijk is, want iedereen die maar op het kleinste bergje staat, kan elke beweging zien. Toch waren de inwoners van Gaza van oudsher wel degelijk in staat om zich te verweren. Hoe kregen zij dat voor elkaar? In dit artikel bekijken wij de gewapende strijd van Gaza van oude verdedigingswerken tot moderne tunneloorlogsvoering. (Hier lees je deel 1.)
Vanaf 1967 domineerde links Gaza
Nadat Israël in 1967 een groot deel van hun land had bezet, stonden de Palestijnen voor de vraag hoe het verzet te organiseren voor nationale onafhankelijkheid. Gaza en de Westelijke Jordaanoever volgden verschillende paden. Op de Westelijke Jordaanoever richtte Yasser Arafats beweging Fatah al gauw gewapende cellen op. Maar het open terrein van de Jordaanvallei, het agressieve militaire optreden van Israël tegen guerrillagroepen en de verdrijving van PLO-bases uit Jordanië in 1970 dwong Fatah uit te wijken naar Libanon. Het ging door met Israël aan te vallen vanuit het buitenland, maar schonk nu meer aandacht aan diplomatieke druk.
In Gaza daarentegen bouwden marxistisch-leninistische groepen – vooral George Habash’s Popular Front for the Liberation of Palestine (PFLP) – een sterke beweging op, die voortdurend guerrilla acties ondernam in Israëlische steden. Er zijn verschillende redenen waarom radicaal-links in Gaza zoveel voet aan de grond kreeg, terwijl het meer gematigde Fatah worstelde om zich daar te vestigen.
- De overvolle vluchtelingenkampen in Gaza brachten grote aantallen arme en politiek bewuste Palestijnen samen die allemaal verjaagd waren. De marxistisch-leninistische ideeën van de PFLP spraken veel vluchtelingen aan die vonden dat de Arabische regeringen hen in de steek hadden gelaten.
- Veel voormalige soldaten en officieren van de Ain Jalut-brigade hadden al kennis gemaakt met Arabisch-nationalistische en socialistische ideeën. Toen zij zich bij de PFLP in Gaza aansloten, brachten zij militaire training, discipline en ervaring mee, wat de beweging een sterke basis gaf om daadwerkelijk aanvallen uit te gaan voeren.
- Door de vele smalle steegjes in de dichtbevolkte kampen van Gaza konden ondergrondse cellen makkelijker verborgen blijven. De bewoners hielpen de strijders om zich te verstoppen als Israëlische soldaten hen zochten.
Sharons brute onderdrukking
Tussen 1969 en 1971 kreeg de PFLP veel invloed in delen van Gaza, vooral in de kampen Jabalia, Shati en Khan Yunis. De bekendste commandant was Mohammed al-Aswad, die wel de “Guevara van Gaza” werd genoemd. Onder zijn leiding ontwikkelde de PFLP een uitgebreid ondergronds netwerk. Hoewel Israëlische soldaten overdag op de hoofdwegen alles in de gaten hielden, was deze organisatie ’s nachts de baas in de kampen. De strijders vielen militaire auto’s en patrouilles aan, en doodden vermoedelijke collaborateurs. Het Israëlische leger was bang om na het donker de kampen binnen te gaan.
In 1971 benoemde de Israëlische regering generaal Ariel Sharon tot hoofd van het Zuidelijk Commando van het leger om de opstand in Gaza te onderdrukken. Sharon trad met enorm veel militair vertoon op en bracht grote veranderingen aan in de vluchtelingenkampen. Gepantserde bulldozers trokken brede, rechte wegen door de smalle, kronkelige steegjes van Jabalia en Shati, waarbij ze duizenden huizen verwoestten en tienduizenden Palestijnen nogmaals verdreven. De nieuwe wegen gaven Israëlische pantservoertuigen gemakkelijker toegang tot de kampen en maakten het voor de Israëlische soldaten eenvoudiger om op verdachte Palestijnen te schieten. Verzetsstrijders konden zich nu moeilijker verplaatsen en verstoppen.
Sharon stuurde bovendien geheime agenten de kampen in om PFLP-strijders te vermoordden. Israëlische soldaten arresteerden tienduizenden Gazanen en deporteerden hele families van vermoedelijke strijders naar afgelegen kampen in de Sinaï-woestijn. In maart 1973 schoten Israëlische bezettingstroepen Mohammed al-Aswad dood tijdens een heftig vuurgevecht in Gaza-Stad. Zijn overlijden, samen met Sharons campagne van sloop, arrestaties, deportaties en moorden, bracht een grote slag toe aan de PFLP. De wrede onderdrukking door Israël had de woede van de Gazanen echter sterk vergroot.
Stille groei van het moslim-fundamentalisme
De onderdrukking van de PFLP viel samen met de verdere achteruitgang van het Arabische nationalisme na de dood van president Nasser en de onbesliste Jom Kipoer-oorlog van Egypte en Syrië tegen Israël in oktober 1973. Links had vastberaden gevochten, maar bleek niet in staat de Israëlische bezetting te beëindigen en de terugkeer van de Palestijnen naar hun eigen dorpen en steden mogelijk te maken. Zodoende was er ruimte voor een nieuwe ontwikkeling, en dat werd het Islamitisch Centrum (Al-Mujamma’ al-Islami) dat sjeik Ahmed Yassin, een imam uit Gaza, in 1973 oprichtte. Hij was een vluchteling uit het door Israël verwoeste Palestijnse dorp Al-Jura, en bleek een begaafd organisator. Gewapende acties waren door het strenge beleid van Sharon vrijwel onmogelijk. Daarom kozen Yassin en zijn medewerkers voor een lange termijn-strategie, gebaseerd op sociale voorzieningen, gezondheidszorg en onderwijs.
In de jaren zeventig en vroege jaren tachtig ontwikkelde Al-Mujamma’ een netwerk van klinieken, kleuterscholen, sportclubs, vrouwenberoepscentra en liefdadigheidsinstellingen. Ook bouwde het moskeeën die gemeenschapscentra werden buiten de directe controle van de Israëlische bezetter. In deze fase vermeed Al-Mujamma’ gewapende acties en concurreerde zij met de PLO om invloed op universiteiten en in vakbonden.
Palestijnse Islamitische Jihad
Terwijl Al-Mujamma’ zich richtte op sociaal werk ontstond er eind jaren zeventig en begin jaren tachtig een andere organisatie die zich bezig hield met gewapend verzet: de Palestijnse Islamitische Jihad (PIJ). De oprichters, Gazaanse studenten in Egypte, zagen dat de links er niet in was geslaagd om Palestina te bevrijden, en vonden dat Al-Mujamma’ te voorzichtig was, teveel gericht op het bevorderen van de islam in plaats van de Israëlische bezetters aan te vallen. Zij bewonderden de anti-westerse Iraanse Revolutie van 1979 en wilden nationale onafhankelijkheid voor Palestina. Voor hen kwam de gewapende strijd op de eerste plaats. Halverwege de jaren tachtig vielen hun cellen Israëlische militaire doelen aan in Gaza, en lieten daarmee zien dat islamitische politieke organisaties wel degelijk over konden gaan tot gewapende acties. Dit droeg bij aan een sfeer waarin de Eerste Intifada (Opstand) kon uitbreken. PIJ bleef echter een tamelijk kleine strijdgroep.
Opkomst van Hamas
De Eerste Intifada brak uit in december 1987 nadat een Israëlische militaire vrachtwagen Palestijnse arbeiders aanreed en doodde bij het vluchtelingenkamp Jabalia in de Gazastrook. Omdat de opstand zich steeds verder verspreidde, kon Al-Mujamma’ niet langer aan de zijlijn blijven staan zonder de positie die het had opgebouwd binnen de Palestijnse samenleving te verliezen. Op 14 december richtten Sheikh Ahmed Yassin, Abdul Aziz al-Rantisi, Salah Shehadeh en andere vooraanstaande moslims Hamas (Ḥarakat al-Muqāwamah al-ʾIslāmiyyah, Islamitische Verzetsbeweging) op. Hamas maakte gebruik van alle contacten van het Al-Mujamma’–netwerk van sociale instellingen en zette zich direct in voor de strijd tegen de Israëlische bezetting.
De militaire structuur ontwikkelde zich stap voor stap. Een van de eerste onderdelen was MAJD, een interne veiligheids- en contraspionage-organisatie, die collaborateurs en Israëlische informanten probeerde te ontmaskeren die actief waren in de vluchtelingenkampen van Gaza. Dat was volgens Hamas nodig om de ondergrondse militaire organisatie die zij aan het opbouwen was voldoende geheim te kunnen houden. In 1991 richtte Hamas de Izz ad-Din al-Qassam Brigades op, vernoemd naar de in Syrië geboren prediker die in 1935 een gewapende opstand tegen het Britse bewind in Noord-Palestina leidde. In de beginperiode vielen deze brigades Israëlische soldaten en gewapende kolonisten aan en namen Israëli’s gevangen om in ruil voor hun vrijlating Palestijnse gevangenen los te krijgen.
Tijdens de Tweede Intifada, van 2000 tot 2005, zette Israël gevechtshelikopters, sluipschutters, wachttorens en gepantserde bulldozers in tegen de Palestijnen, terwijl het voor Gazanen steeds moeilijker werd om aan wapens te komen, omdat het Israëlische leger de strook praktisch volledig afgesloten had. Daarom begonnen de Al-Qassam brigades zelf wapens te maken, zoals eenvoudige raketten. Hoewel de eerste modellen zeer onnauwkeurig waren, konden Palestijnse strijders op deze manier hun vijand aan te vallen, zonder dat ze de zwaarbewaakte grens hoefden over te steken.
Een nieuwe fase begon in 2005 toen Israël zijn kolonisten en grondtroepen uit Gaza terugtrok. Hamas won het jaar daarop de Palestijnse parlementsverkiezingen, waarna Israël begon met een zware blokkade van Gaza. Het sloot zowel land-, zee- en luchtroutes af. Toen ontwikkelden de Al-Qassam brigades zich van een geheime guerrilla-organisatie tot een meer officieel leger ter verdediging van de strook. In die tijd begonnen zij ook een netwerk van tunnels aan te leggen.
De gevangenneming van de Israëlische soldaat Gilad Shalit in 2006 liet zien hoe belangrijk tunnels waren voor strijders om ondanks de blokkade ongezien Israël te kunnen bereiken. Acht jaar later, tijdens de heftige Israëlische aanvallen in 2014, gebruikten Al-Qassam-strijders tunnels en het netwerk van smalle straatjes in Gaza om Israëlische soldaten in een hinderlaag te lokken. Palestijnse strijders bestookten met lokaal geproduceerde wapens, zoals bijvoorbeeld een anti-tankgranaat, Israëlische pantservoertuigen. Zij waren zo in staat zware verliezen toe te brengen aan de Israëlische bezettingstroepen.
In de vroege ochtend van 7 oktober 2023 lanceerden de Palestijnse verzetsorganisaties de Al-Aqsa-vloed. Dit was een grootscheepse operatie met aanvallen op land, vanuit zee en de lucht en met het gebruik van tunnels. Het was het resultaat van jarenlange geheime planning, misleiding van de bezetter en lokale wapenproductie. Zo wisten de Palestijnse strijders het Israëlische leger te overweldigen.
“Israël heeft Hamas gemaakt” is een mythe
In de internationale pers stuit je geregeld op de bewering dat Israël Hamas heeft “gemaakt”. Critici van het beleid van Israël willen hiermee duidelijk maken dat het land zichzelf in de vingers heeft gesneden door de ontwikkeling van Hamas in Gaza toe te staan en zelfs te bevorderen. Terwijl liefhebbers van complottheorieën Hamas zo afschilderen als een tak van Israëlische geheime dienst. Maar zo eenvoudig liggen de zaken niet.
In de late jaren zeventig en vroege jaren tachtig stond Israël sjeik Ahmed Yassin’s liefdadigheidsinstelling Al-Mujamma’ toe en moedigde de groei daarvan zelfs aan. Het idee daarachter was dat een geweldloze godsdienstige organisatie een mooi tegenwicht vormde tegen de strijdlustige PLO, die Israël toen als zijn belangrijkste vijand zag. Maar het dulden van de vroege ontwikkeling van de sociale organisatie Al-Mujamma’ is niet hetzelfde als het stichten van de strijdorganisatie Hamas.
Israël heeft het oprichten van sociale islamitische instellingen in Palestina, zoals Al-Mujamma’, niet bedacht. Dat soort initiatieven waren er al sinds de jaren veertig. Israël heeft ook godsdienstige ideeën van Sheikh Yassin niet gevormd, schreef het handvest van Hamas niet, en stimuleerde ook geen jonge mannen uit de vluchtelingenkampen om zich bij de Al-Qassam brigades aan te sluiten. Hamas is voortgekomen uit het Palestijnse vluchtelingenleven, religieus conservatisme en verzet tegen de bezetting.
Toen Hamas in december 1987 overstapte van maatschappelijk werk naar gewapende strijd, verbood Israël de organisatie. Later vermoordde het belangrijke politieke en militaire leiders van deze organisatie, waaronder Yassin, Rantisi en Shehadeh, zette duizenden leden gevangen, en onderwierp Gaza aan een langdurige belegering, deels bedoeld om Hamas te vernietigen. Als je daarom beweert dat Israël Hamas in het leven heeft geroepen doe je net alsof Palestijnen zelf niet in staat zouden zijn instellingen te bedenken, op te bouwen en aan te passen aan nieuwe omstandigheden.
Zonder de moed op te geven, ondanks alles
De gewapende strijd in Gaza is voortgekomen uit een lange en nog niet afgesloten geschiedenis van verjaging, overvolle vluchtelingenkampen, tientallen jaren van bezetting, belegering en genocide. Telkens weer stonden de Palestijnen in Gaza voor de vraag hoe ze zich in zo’n vlak gebied konden verdedigen tegen een overmachtig leger. Iedere keer hebben zij oplossingen weten te bedenken. Van de aarden wallen en loopgraven in de tijd van Alexander de Grote tot de nachtelijke tochten van de guerrilla-strijders en de tunnelnetwerken onder de kampen in de huidige tijd.
In de Gazastrook zijn hele wijken verwoest, ziekenhuizen en scholen vernietigd, en je vindt er talloze massagraven. Hoe houden de Palestijnen het daar uit? Hun volharding is geworteld in “sumud”: een collectieve weigering om te verdwijnen, doorgegeven van generatie op generatie. De geschiedenis van Gaza laat zien dat beschietingen, bombardementen, elektronische bespieding en het verbod om terug te keren tot de oorspronkelijke dorpen en landerijen de drang tot verzet van de Gazanen niet zullen uitdoven. Iedereen die hen alleen ziet als slachtoffers of als pionnen in andermans plannen zal niet kunnen begrijpen hoe zij weten te overleven, zich aan te passen en terug te vechten.
Ramzy Baroud
Noot van de redactie. We plaatsen dit artikel om zo een bijdrage te leveren aan het doorbreken van het taboe rond Palestijns gewapend verzet, maar dat betekent niet dat we alle genoemde organisaties omarmen. Moslimfundamentalisten zijn bijvoorbeeld niet onze kameraden.
Het oorspronkelijke artikel “Outsmarting the Sky: The Secret History of Gaza’s Subterranean Resistance” verscheen in augustus bij Thinking Palestine. Vertaling en bewerking: Jan Paul Smit.
Verder lezen
Er is enorme veel informatie te vinden op Wikipedia. Je kan starten bij “Israëlisch-Palestijns conflict”, of bij het uitgebreidere Engelstalige “Gaza–Israel conflict”.
Reacties (0)
Voeg nieuwe reactie toe
Wij tolereren geen: racisme, seksisme, transfobie, antisemitisme, ableisme enz.