Forum voor Anarchisme
ArtikelenDe AnarchokrantDossiersEventsWiki // Hulp bronnenContact // InzendingForum
|
anarchokrant29 juni 2026

Chris Kaspar de Ploeg – De Grote Koloniale Oorlog deel II

Author: Globalinfo.nl | GEPLAATST DOOR: De Anarchokrant | Bron: globalinfo.nl

Plus daaronder de eerdere recensie van deel I

Boekbespreking

Voor goed begrip moet nog even terug worden gegaan naar het analytische raamwerk dat eerder is uitgezet in deel I (1). Ontvouwing van de recente wereldgeschiedenis, om maar eens bij Marx’ inspirator Hegel te blijven, is een dialectische strijd tussen non-egalitaire en egalitaire politieke ideologieën. Het kapitalisme, ontegenzeggelijk de manifestatie van non-egalitaire organisatie, wordt al ruim 500 jaar getekend door koloniale exploitatie, geweld, onderdrukking en massamoord. Dat is wat De Ploeg de Grote Koloniale Oorlog noemt. Patriarchaat, racisme en een klassenstrijd van rijk tegen arm zijn onlosmakelijk gebonden aan die oorlog. Daartegen, vindt De Ploeg, moeten de representanten van egalitaire politieke stromingen – gewapend met historische kennis – in verzet blijven komen.

Belangrijk in deel 1 is aan te tonen dat Hitler-Duitsland geen uitzondering is geweest in de westerse traditie, integendeel. De Ploeg betoogt dat volkerenmoord, zoals die tot stand is gekomen in de Holocaust, geen radicale breuk met het kolonialisme is geweest, maar een logische voortzetting ervan. Daarop bouwt de schrijver voort in deel 2, dat de periode van de Koude Oorlog als toneel heeft. Op dat toneel is de bloedige strijd tegen de verworpenen der aarde business as usual doorgezet, ditmaal met de VS als leider van de koloniale wereld.

Nazi’s overal

Na de tweede wereldoorlog bezat de VS veruit de grootste economie met de helft van alle productieve krachten ter wereld. Het land kon nu de positie van imperialistische leider van de Angelsaksisch gedomineerde wereldorde overnemen van Groot Brittannië. De Amerikanen wilden daarbij wel het systeem van koloniale preferenties openbreken, zodat zij toegang voor zichzelf konden bewerkstelligen tot al die lucratieve markten.

Ondertussen waren in Europa de communisten en de Sovjet Unie opgedoken als morele leiders van het verzet en de nederlaag van Hitler. Dat leverde de Amerikanen een dubbele opdracht op. Dekolonisering zou in gang gezet worden, maar tegelijkertijd moest ook het socialisme buiten de deur worden gehouden. De nieuwe staten moesten afhankelijk blijven van westers dirigisme via neokoloniale instituties en zetbazen van westers kapitaal aan het roer.

De contouren van de Koude Oorlog begonnen zich al aan te dienen, toen de eerste atoombom op Japan werd gegooid. Die misdaad tegen de menselijkheid fungeerde als waarschuwing voor de Sovjets, want tactisch had inzet van dit monsterlijke wapen nauwelijks zin. Japan lag verslagen in de touwen en de Sovjets stonden op het punt hen de oorlog te verklaren. Een vrijgeleide voor de keizer was nog het enige struikelblok voor de Amerikaanse wens van een onvoorwaardelijke overgave.

De grondoorlog tegen het communisme in Europa startte zelfs al eerder, op een moment dat Duitsland nog niet eens verslagen was. GB bood al in 1944 fundamentele hulp aan nazi’s en hun collaborateurs in Griekenland in hun poging de communisten in toom te houden. Nazi’s en hun helpers werden met hun “nuttige fanatisme” door de westerse grootmachten sowieso gezien als experts in antilinkse subversie en daarom breed ingezet. Geheime diensten en stay-behind-netwerken in Europa (“Gladio”) waren na de oorlog dan ook doortrokken van de ex-nazi’s en andere fascisten.

Saillant genoeg – maar binnen het geschetste kader volkomen logisch – trok de nieuwe imperator samen op met de voormalige vijandelijke staten Japan en Duitsland. Officieel waren die ex-fascistisch, maar feitelijk op belangrijke posities nog steeds volledig doortrokken van voormalige nazi’s en hun mentaliteit. Onder Amerikaanse controle konden zij dienen als belangrijkste breekijzers, om als een soort dubbelzijdige economische blok het Euraziatische communisme in te sluiten en te pletten.

Vestigingskoloniën, met name de VS, Zuid-Afrika en na 1967 ook Israël, bleken voorname aanjagers van het racistische, anticommunistische politieke model. Elk van hen had in de recente historie ervaring met kolonisering voor Lebensraum, met bijbehorende genocide en installatie van raciale hiërarchieën.

De connectie met de koloniale ideologie was onmiskenbaar. Tijdens de Koude Oorlog vormden westerse kolonisten samen met gevluchte of beschermde nazi’s een belangrijke transnationale voedingsbron voor rabiaat anticommunisme. Deze kruisbestuiving diende als een soort bindmiddel dat het koloniale, racistische denken op wereldschaal kon uitrollen.

De Ploeg schetst daarmee een patroon van een internationaal georganiseerde beweging van witte suprematie en anticommunisme. Daarbij werd een vorm van welvaart en vrijheid toegestaan aan de witte bevolking, terwijl de rest van de wereld met keiharde terreur in dienst van het westen werd gedwongen. De schrijver noemt dat de Herrenvolk democratie. Er bestaan democratische rechten voor het geprivilegieerde witte “ras”, naast keiharde onderdrukking van alle anderen, een model dat vooral in de koloniën vorm had gekregen.

Liberaal-kapitalistische landen en hun fascistische politieke broertjes bonden dus hun gedroomde gezamenlijke strijd aan tegen alles wat de continuïteit van het privaat eigendom regime zou kunnen bedreigen. De Ploeg bespreekt uitputtend de vele coups en genocidale vernietigingsoorlogen die het communisme moesten inbinden en terug rollen: Korea, Iran, Guatamala, Indonesië, Vietnam, de rest van Zuidoost-Azië en zuidelijk Afrika. Daarbij valt vooral de nietsontziende wreedheid op die “de koloniale uitwissingsideologie” zo kenmerkt. Die heeft, zo schat De Ploeg, in de hete gebieden van de Koude Oorlog zeker 33 miljoen levens gekost.

Zionisten als de beschaafde tak van het jodendom

De bespreking van de rol van het zionisme en de staat Israël in geschetste ontwikkelingen vormt het hart van het boek. Zionisme ontwikkelde zich, met name onder inspiratie van Theodor Herzl en Arthur Ruppin met zijn rassentheorieën, als rechtse, middenklasse stroming onder de paraplu van het Britse rijk. Opvallend was de integratie van het typische westerse denken van eind 19de/begin 20ste eeuw volgens raciale lijnen, obsessie voor raszuiverheid en het idee dat bloed onlosmakelijk gebonden zou zijn aan land.

Het nieuwe land Israël moest dus wel westers worden. “Onbeschaafde” Ost-Juden (Joden uit Oost-Europa) met hun hang naar socialisme en het Jiddisch, waren naast armen, ouderen en gehandicapten een stuk minder welkom in het nieuwe land. “Kwaliteitsimmigratie”, waarmee dan vooral fit, rijk en (liefst west-)Europees werd bedoeld, zou leidend moeten zijn.

Opmerkelijk genoeg was nazi-Duitsland in de beginjaren onmisbaar voor het zionistische project. Omdat het vertrek van joden naar Palestina een oplossing zou kunnen zijn voor het “Joden vraagstuk”, was men in eerste instantie bereid tot samenwerking. Kapitaal uit Duitsland was in Palestina zeer welkom en Duitse zionistische groeperingen hanteerden een pragmatische coöperatie met de nazi’s.

In latere fasen, toen een andere “eindoplossing” zich aandiende, werd de pragmatische houding nauwelijks ingewisseld. Berichten over georganiseerde massamoord werden grotendeels onderdrukt. De westerse machten zagen nog geen noodzaak voor een tweede front en waren bang dat politieke druk om de doodskampen te stoppen, hen daartoe zou kunnen bewegen. Er kwamen ook geen grote reddingsacties voor joden om naar Palestina te vluchten. Dat kwam onder andere vanwege de prioriteit voor naoorlogse onderhandelingen met westerse machten, waarbij de stichting van een zionistische staat in Palestina moest worden gewaarborgd. Daarnaast was ook sprake van fatalisme, schrijft De Ploeg. De zionistische top nam aan dat het onmogelijk zou zijn veel joden uit de klauwen van de vernietigingsmachine te redden.

Men zou kunnen zeggen dat gehoorzaamheid via Joodse Raden en andere overlegorganen die disproportioneel werden gedomineerd door zionisten, ontstond uit pragmatische motieven. Zo zou dan in ieder geval nog een belangrijk deel van de joden gered kunnen worden. Aan de andere kant detecteert De Ploeg ook cynischere tendensen in het beleid en de overwegingen van de zionistische top. Het is lastig alle subtiliteiten van dit indrukwekkende verhaal over te brengen in een korte recensie. Alleen vanwege deze reden is het al aanbevelenswaardig het indrukwekkende betoog van De Ploeg, zelf joods, volledig zelf te verwerken.

Wat in elk geval staat is dat de schrijver laat zien hoe de samenwerking tussen zionisme en wereldwijde contrarevolutionaire krachten de politiek van de staat Israël heeft gecreëerd, eigenlijk tot vandaag aan toe. Voor de Amerikanen bleek Israël een grote lokale hulp bij het ondermijnen van het seculiere pan-Arabisme met socialistische tendensen. En nog steeds trekken beide staten gezamenlijk op om de spilpositie van het westen in het Midden Oosten te garanderen. Overigens deed (of doet) men dat samen met beschermde, ultra-reactionaire steunpunten, zoals het wahabitische Saudi Arabië, het fundamentalistische Pakistan en bewegingen als de Mujaheddin.

Herken de anti-egalitaire krachten

Het is een enorme taak waarvoor De Ploeg zich heeft gesteld – gedreven door een gevoel van urgentie om te schrijven over 500 jaar aan genocidale terreur onder het kapitalistische systeem. Het zware gemoed van de schrijver is voelbaar in zijn dankwoord. Het is ook zo logisch als wat. Waar oneindig veel westerlingen van links tot rechts een blinde vlek hebben en vooral in de eigen voortreffelijkheid zijn getraind, is de kritische beschouwer die de feiten wél kan laten binnenkomen, onderworpen aan een serie van emotionele shocks.

Meerdere schrijvers hebben de westerse oorlogen en genocides behandeld, vaak per casus. Noam Chomsky heeft zeker 60 jaar van zijn leven gewijd aan de systematische beschrijving van het imperialisme van de VS en hun “vijfde vrijheid”, de vrijheid te roven, te plunderen en te moorden. Naomi Klein heeft ons geleerd hoe neoliberale shock doctrines het westerse model schraagden in neokoloniale relaties.

De Ploeg voegt daar een breed interpretatiekader aan toe. Langlopende patronen worden blootgelegd, zodat men ook de huidige toestand van de internationale orde beter kan begrijpen. Zijn studie is goed bruikbaar voor jongeren met het rusteloze gevoel dat something is rotten in the state of Denmark. Fijn is daarom ook dat De Ploeg een apart hoofdstuk aan ons land heeft gewijd.

Zeer behulpzaam is dus zijn schets van het grotere, langdurige kader van strijd, hoewel voor de nieuwe generaties het gevaar bestaat staatssocialisme nog steeds als oplossing te zien. In feite kenden gedurende de Koude Oorlog zowel het westen als het oosten vormen van staatsgeleid kapitalisme. Onder Stalin en navolgers domineerde de staat(sklasse) de maatschappelijke krachten volledig, in de VS gebeurde dat via strak top-down geregisseerd militair keynesianisme.

De kanttekening uit mijn recensie van deel I staat wat mij betreft nog steeds. Het is zaak binnen het gegeven kader liever nieuwe egalitaire stromingen te ontwikkelen, dan terug te grijpen naar het ook niet erg egalitaire marxisme-leninisme.

Noot:

(1) Zie recensie van De Grote Koloniale Oorlog deel I, gepubliceerd in het anarchistische vakbondsblad Buiten de Orde, nummer 1, 2025. (hierondeer afgedrukt, globalinfo)

Reacties (0)

Voeg nieuwe reactie toe

Wij tolereren geen: racisme, seksisme, transfobie, antisemitisme, ableisme enz.