Werkgroep Slavernijverleden Hoorn: “Het standbeeld van Coen gaat weg uit de openbare ruimte. Het kan niet anders”
Afgelopen dinsdagavond kwam in de gemeenteraad van Hoorn de slepende kwestie van het beruchte standbeeld van de genocidepleger Jan Pieterszoon Coen weer eens aan de orde. De raad kreeg drie opties voor het “vervolgproces” voorgelegd over wat te doen met Coen. Optie A hield in: “het proces nu afronden”, optie B betekende: “nu een raadsbesluit nemen over de toekomst van het standbeeld”, optie C was: “in 2026 een vervolgproces organiseren dat toewerkt naar een besluit over aanpassingen in de presentatie van het standbeeld”. Namens de Werkgroep Slavernijverleden Hoorn (WSH) gaven Merve, Marisella en Enseline een inspreekreactie (zie hieronder). En aan het einde van de avond waren ze de koloniale, toxische en stadschauvinistische atmosfeer in de raadszaal ondertussen helemaal zat geworden.
Het college van B&W had de raadsleden geadviseerd om te kiezen voor optie C. Deze optie zou volgens het college het beste aansluiten “bij de uitkomsten van het stadsgesprek en de inzendingen over het standbeeld. Ook biedt deze optie ruimte voor zorgvuldigheid, participatie en betrokkenheid van de Bandanese diaspora en biedt de grootste kans om naar een oplossing van deze langlopende discussie toe te werken.”
Maar in aanloop naar de raadsvergadering van dinsdagavond en ook tijdens die vergadering bleek dat veel raadsleden die voor optie C zouden willen gaan, ervan uitgingen dat daaronder niet zou worden verstaan dat het beeld zou worden verplaatst. Het beeld zou dan hooguit een beetje worden aangepast, misschien wel op de cosmetische manier waarop de gemeente Hoorn in 2012, toen er ook al volop kritiek was op het beeld, de tekst op het informatiebord op de sokkel van het beeld wilde veranderen. Uiteindelijk leverde dat deze passage in de tekst op: “Onomstreden is het standbeeld niet. Volgens critici verdient Coens gewelddadige handelspolitiek in de Indische archipel geen eerbetoon.” Met andere woorden, de gemeente had indertijd geprobeerd om de handen in onschuld te wassen en zelf geen standpunt in te nemen over de genocidepleger. Men had er namelijk geen zin in om de term “genocide” op het nieuwe informatiebord aan te brengen.
Verstoppertje spelen
De WSH heeft genoeg van die schijnbare gemeentelijke neutraliteit en dat voortdurende gepolder en gesjoemel. Na het herdenkingsjaar over het slavernijverleden, waarbij de voormalige minister-president Mark Rutte en koning Willem-Alexander hun excuses voor dat verleden aanboden, moest in Hoorn eindelijk eens een begin worden gemaakt met een dekoloniseringsbeleid. Maar tot op de dag van vandaag is het gemeentebestuur verstoppertje blijven spelen en wenst men geen uitspraken te doen over de noodzaak om het beeld te verwijderen uit de openbare ruimte. Het college van B&W organiseert liever oeverloze stadsgesprekken over het beeld. Maar je kunt praten tot je een ons weegt, Coen is en blijft een genocidepleger.
Daarom pleit de WSH voor een zelfbedachte optie D: verplaatsing van het standbeeld van Coen naar het Westfries Museum, voorzien van de juiste historische context. Coen moet van zijn sokkel worden gehaald en niet langer meer worden verheerlijkt. Kolonialisme is een misdaad tegen de mensheid en menselijkheid en Coen was een van de vele koloniale misdadigers. Maar zo zien veel leden van de Hoornse gemeenteraad en veel inwoners van Hoorn dat niet. Optie D is door het college van B&W en de meeste gemeenteraadsleden dan ook nooit als een serieuze keuzemogelijkheid beschouwd. Inmiddels zes jaar lang strijden We Promise en de laatste jaren ook de WSH voor de verwijdering van de genocidepleger uit de openbare ruimte.
Strategisch tegen stemmen
Afgelopen dinsdagavond moest er gekozen gaan worden voor optie A, B of C. Wat volgde, was een bizarre ontknoping. Aan het einde van de avond bleken 17 raadsleden voor optie C te hebben gestemd en 18 tegen. En wat bleek? GroenLinks-raadslid Stephan Lallhit, een van de zeldzame bondgenoten van de WSH in de raad, had strategisch tegen optie C gestemd, omdat hij niet wilde dat optie C zou worden aangenomen. Want dat zou betekenen dat de deur naar verplaatsing van het beeld stevig zou worden dichtgegooid. Lallhit is een voorstander van verplaatsing en zijn tegenstem heeft ertoe geleid dat de kwestie-Coen inzet van de gemeenteraadsverkiezingen kan gaan worden.
De zaak lijkt nu muurvast te zitten in de raad. Het spreekt voor zich dat de WSH zich er zorgen over maakt dat de samenstelling van de gemeenteraad na de verkiezingen in het nadeel van verplaatsing van het Coen-beeld zou kunnen uitpakken. Maar er ligt ook een kans. De WSH gaat daarom dit jaar aan de slag met een officiële verplaatsingsprocedure en met een landelijke petitie om het draagvlak voor verplaatsing te vergroten. En er zijn plannen om ook weer andere acties te gaan organiseren, zoals demonstraties.
Harry Westerink
Tijdens de raadsvergadering van afgelopen dinsdag hielden drie leden van de WSH, Merve, Marisella en Enseline een inspreekreactie.
Merve:
Goedenavond allen,
Vanavond wordt er opnieuw gesproken over het vervolgproces van het vervolgproces. De raadsleden staan op het punt om te besluiten wat de volgende stap wordt, terwijl de optie van het verplaatsen van het beeld, dat niets anders doet dan het verheerlijken van een persoon met gruweldaden op zijn naam, telkens vooruit wordt geschoven en gemeden. Alsof uitstel nog iets wezenlijks gaat veranderen.
Online lees ik krantenartikelen en berichten van mensen uit Hoorn en omstreken die veelal dezelfde inhoud bevatten. Ik lees herhaaldelijk dat “de meerderheid van de mensen het standbeeld van Coen wil behouden”.
“De meerderheid van de mensen” was ook voorstander van slavernij, van een apartheidsregime, van diverse zaken waar we als mensheid achteraf op een hele andere manier naar terugkijken. Een manier die al deze zaken afkeurt. Die zich niet schuldig wil maken aan deze zaken. Wereldwijd heeft “de meerderheid” er vaker naast gezeten en aan de verkeerde kant van de geschiedenis gestaan.
Laten we eerlijk zijn. Als we écht kritisch kijken, dan weten we al wat de uitkomst zal zijn. Dit beeld houdt geen stand op de plek waar het nu staat. Niet met de kennis die we vandaag hebben. Niet in de tijd waarin we leven. Mensen die verantwoordelijk zijn voor genocide horen geen standbeeld te hebben – en zeker niet in de openbare ruimte, waar zij letterlijk boven de rest van de stad worden verheven, metershoog op een sokkel, midden op een plein.
Kies daarom voor het vertellen van het volledige verhaal. Voor geschiedenis in al haar complexiteit, zonder verheerlijking. Kies voor educatie en bewustwording door nazaten en historici de ruimte te geven om dit verhaal te vertellen. Niet in brons gegoten, maar in context, in dialoog, en met oog voor de pijn die dit verleden nog altijd veroorzaakt.
En kies voor leiderschap. Leiderschap betekent niet iedereen voortdurend tevreden proberen te houden, of lastige beslissingen blijven doorschuiven. Het betekent durven kiezen. Stel jezelf de vraag: waarom verdedig ik het behoud van een standbeeld van een genocidepleger? Wat is daar de échte reden van? Is het angst om kiezers te verliezen? Angst voor het onbekende als het beeld verdwijnt? Het gevoel dat er iets van “ons DNA” verloren gaat? En wat is dat dan precies – en waarom weegt dat zwaarder dan het verplaatsen van een symbool van geweld en onderdrukking?
De tijd is nu. Op zijn huidige plek heeft dit beeld geen toekomst. Neem verantwoordelijkheid. Durf te kiezen. En sta aan de juiste kant van de geschiedenis.
Dank jullie wel.
Marisella:
Goedenavond voorzitter, raadsleden en aanwezigen hier en thuis,
De geschiedenis laat ons keer op keer zien dat onrecht vaak jarenlang werd verdedigd door mensen die er zelf van profiteerden. Slavernij was ooit legaal. Vrouwen mochten niet stemmen. Generaties lang stond de meerderheid aan de verkeerde kant van de geschiedenis, omdat leiderschap ontbrak en overheden zelf onderdeel waren van het onrecht.
Het onderzoek naar het slavernijverleden van Hoorn en de daden van Jan Pieterszoon Coen laat daar geen twijfel over bestaan. Het toenmalige bestuur van deze stad had een groot aandeel in een monsterlijk verleden. Dat is geen mening, dat is een vastgesteld historisch feit.
En precies daarom leert de geschiedenis ons ook dit: wie rechtvaardigheid nastreeft, kan het niet overlaten aan degenen die voordeel halen uit die onderdrukking. Moreel besef ontbreekt daar. Empathie ontbreekt daar. En dus is het aan ons om te handelen.
Wij staan open voor dialoog en voor educatie. Maar niet met het doel om het standbeeld te behouden op de Roode Steen. Het beeld gaat weg. Het kan niet anders. Ook de voormalige directeur van het Westfries Museum heeft aangegeven dat er rekening is gehouden met de verhuizing van het standbeeld naar het museum. Een lijn die door het huidige bestuur wordt voortgezet.
Wat wringt, is dat een groot deel van deze raad graag spreekt over de mensen die het meest hebben geleden onder Coens gruweldaden, maar nauwelijks de moeite neemt om met hen te spreken. Het luisteren naar nazaten, naar hun verhalen van verzet en pijn – het gebeurt niet. Dat is respectloos. En het is tekenend.
We hebben dit eerder gezien. Zwarte Piet legde het racisme in Nederland bloot. Het kostte vijftien jaar aan interventies van organisaties zoals Nederland Wordt Beter en Kick Out Zwarte Piet voordat zelfs de toenmalige minister-president Rutte voortschrijdend inzicht toonde. Want als je het eenmaal ziet, dan kun je het niet meer ontkennen.
Dus vraag ik u: hoe wilt u de geschiedenis ingaan? Wilt u blijven vasthouden aan het eren van een genocidepleger op een van de meest prominente plekken van deze stad? Dat is geen neutraliteit. Dat is een schaamteloze tentoonstelling van witte superioriteit. U houdt de koloniale systemen van ongelijkheid hiermee in stand.
Hoorn kan dan net zo goed stoppen met pretenderen een inclusieve stad te willen zijn. Want uitsluiting, haat, racisme en discriminatie krijgen vrij spel wanneer een gemeente niet begrijpt dat neutraliteit bij onrecht betekent dat je dader bent. En wie dat niet inziet, is gedoemd om dezelfde fouten te blijven herhalen.
Hoorn, word beter! Doe beter! Dit is niet meer houdbaar. Het is en blijft een genocidepleger – en dat mag nooit maar dan ook nooit worden vereerd.
Dank u wel.
Enseline:
Geachte voorzitter, raadsleden,
Dit is geen technisch besluit. Dit is een moreel besluit. Ik spreek u aan als zesde generatie nazaat van overlevenden van het geweld van Jan Pieterszoon Coen. Wat voor u geschiedenis is, is voor mij familie.
Banda 1621. Massamoord. Hongitochtenin Ternate en Buru. Uitroeiing als beleid. Dat zijn geen meningen. Dat zijn feiten. En toch staat hij op een sokkel. Midden op de Roode Steen. Als eerbetoon. Voorstanders zeggen: “Het is erfgoed”. “Het is onze geschiedenis.” “Het voelt als thuiskomen.” Maar een standbeeld is geen geschiedenisboek. Het is een verheerlijking. Een publieke eretitel. Een QR-code naast de sokkel is geen oplossing. Een plakkaat met meer tekst is niet genoeg. Waarom niet? Omdat de sokkel hoger spreekt dan het bord ernaast. Omdat het beeld eert en de tekst nuanceert. Omdat je een dader niet corrigeert met een alinea. Dat is cosmetiek. Geen fundamentele keuze. Optie D is helder. Verplaats het beeld dertig meter verderop. Naast de openbaar toegankelijke tuin van het Westfries Museum. Daar hoort het thuis. Het museum staat voor meerstemmigheid. Voor multiperspectief. Voor het tonen van de schaduwkanten van de Gouden Eeuw.
Ad Geerdink heeft publiekelijk aangegeven dat het museum bereid is om verantwoordelijkheid te nemen voor context en duiding. Niet om te verheerlijken. Maar om te onderzoeken. Dat is wat een museum doet. Historische figuren plaatsen in hun volledige werkelijkheid. Met winst én met geweld. Met handel én met menselijk leed. Laat mij dit tastbaar maken. Ik houd hier twee nootmuskaten uit Banda in mijn hand. Twee. In de zeventiende eeuw waren deze letterlijk goud waard. Met deze twee nootmuskaten kon je destijds het duurste pand van Hoorn kopen – het monumentale VOC-pand aan de Roode Steen. Zó extreem was de waarde. Zó extreem was de winst. Maar die rijkdom kwam uit uitbuiting. Uit geweld. Uit het breken van gemeenschappen. Als u zegt: “Dit beeld is onze trots”, dan vraag ik u: “Kunnen wij trots zijn zonder de prijs te erkennen?”
Verplaatsen is geen uitwissen. Het is volwassen worden als stad. Hoorn verliest niets door dertig meter te lopen. Hoorn wint aan geloofwaardigheid. Integriteit. Respect voor eerlijk omgaan met geschiedenis. Stop met eindeloos praten. Leiderschap is besluiten. U hoeft niet te kiezen voor conflict. U kunt kiezen voor verbinding. Voor een stad die haar handelsverleden erkent én het leed dat daarmee gepaard ging. Vanuit inheems Molukse wijsheid zeg ik: wie waarheid durft te dragen, bouwt toekomst. Vanuit geloof zeg ik: gerechtigheid is sterker dan trots.
En ik sluit af met dit: “Als twee nootmuskaten ooit een stad konden verrijken, laat dan vandaag uw geweten Hoorn verrijken – door dertig meter te lopen richting rechtvaardigheid”. Verplaats het standbeeld naar het Westfries Museum.
Dank u wel.
Reacties (0)
Voeg nieuwe reactie toe
Wij tolereren geen: racisme, seksisme, transfobie, antisemitisme, ableisme enz.