Bladeren – 43: Boeken, Tijdschriften, Acties
Rubriek Cees Bronsveld De Epstein Files. De media hadden het er maar druk mee. En tsja, ik moet het er helaas ook over hebben. Want Chomsky kwam er door in de problemen. De taalkundige, American foreign policy- specialist en anarchist Chomsky adviseerde desgevraagd Epstein destijds om zich van de heisa in de media rond zijn persoon maar niet al te veel aan te trekken. Epstein hielp Chomsky met een financieel probleem. Zo gaat dat kennelijk in ‘de elite’ vonden velen…
The Guardian schreef een artikel over Chomsky onder de kop Chomsky had deeper ties with Epstein than previously known, documents reveal (The Guardian, 22.11.2025, zie Online). Een paar maanden later publiceerde de krant het artikel Newly released files shed new light on Chomsky and Epstein relationship (The Guardian, 3.2.2026, zie Online). Nog weer een paar dagen later bood Chomsky’s tweede vrouw Victoria, mede namens haar man, in The Guardian (8.2.2026) excuses aan voor de gemaakte fouten (zie Online). Inmiddels schreef ook Jens Kastner er over in het Duitse anarcho-blad Grazwürzel Revolution (# 508, april 2026) onder de kop Antifeminismus als Normalität. Je kunt het anarchisme van Chomsky niet meer serieus nemen luidde de even treurige als naar mijn mening terechte conslusie (zie Online).
Vorig jaar overleed Herman Noordegraaf (1951 – 2025). Elders op deze website een IM voor Herman. Herman’s laatste boek ging – uiteraard – over het leven en werk van een linkse dominee: ds. G. van Veldhuizen.Dat boek heette, veelzeggend genoeg, Op de straathoek, gevolgd door zijn naam en levensjaren (1903 – 1963) en de ondertitel Van plattelandsdominee tot pionier in Rotterdam Crooswijk. En zo is het. Het boek verscheen bij de Academische Uitgeverij Eburon (Utrecht 2023, 228 pag., € 26,00).
Het was ook wel even schrikken – maar dan anders – dat onder meer ene Bert Altena een recensie van dit boek schreef. Het blijkt uiteraard een naamgenoot van de ‘anarchiserende’ historicus Bert Altena (1950 – 2018), die onder meer publiceerde over Domela. Dèze Bert Altena blijkt, hoe kan het ook anders, een dominee. Zie voor zijn recensie, Online. Over de Rotterdamse wijk Crooswijk bestaat niet heel veel literatuur. Van Veldhuizen’s Een eeuw Rotterdamse volkswijk is daarom nog altijd een belangrijke uitzondering. Ook Siebe Thissen maakte er in zijn hier eerder gesignaleerde boekje (zie Bladeren 41) over de Crooswijker Vlasblom, De jongen die van De Hef sprong, dan ook volop gebruik van!
We moesten recent van meer bij het anarchisme betrokken mensen afscheid nemen. Zo ook van Bas Moreel. Martin Smit schreef een mooi IM voor Bas op deze website (zie Online). De Amsterdamse anarchistische boekwinkel Fort van Sjakoo herdacht Bas uiteraard als medeoprichter , zie Online. Ik ontmoette Bas een paar keer, echt goed heb ik hem helaas nooit leren kennen. We mailden wel eens over ‘lopende zaken’. Ik was wel verbaasd over een laatste mailtje (d.d. 22.2.25) dat ik van hem kreeg waarin Bas vooral meldde nog altijd, zeer actief, met heel veel mensen onder meer via e-mail contact te onderhouden, maar van het anarchisme als zodanig had hij “afscheid te hebben genomen”. Zijn oordeel: “vaak mooi bedacht en misschien werkbaar in kleine groepen, maar niet op wereldschaal”.
Tsja… Een aantal mensen aan wie ik dit citaat voorlegde relativeerden dit oordeel van Bas nogal en wezen mij daarbij onder meer op het ‘pragmatisch anarchisme’ dat meerdere AS-redacteuren, ook al ‘in mijn tijd’ voorstonden. Al kun je je daarbij dan ook de vraag stellen hoe anarchistisch dàt ‘pragmatische anarchisme’ dan eigenlijk nog was…
In januari overleed ook Raymond Buve (1933 – 2026). Hij was als medewerker verbonden aan het Leidse Instituut voor Culturele Antropologie (ICA), later zou hij in Leiden hoogleraar Geschiedenis van Latijns Amerika worden. Zijn specialisme was Mexico. Ik ken zijn werk niet heel grondig maar een goed en mooi artikel verscheen in het publieksblad Leidschrift (26: 2, september 2011) dat ik dezer dagen herlas: De Mexicaanse Revolutie: de constructie van een politieke religie en daarbij passende geschiedenis.
Buve was ook goed thuis in de Spaanse geschiedenis. Zo leverde hij een bijdrage aan een Leidse Studium Generale-bundel over de Spaanse Burgeroorlog, een bundel waar o.a. ook Rudolf de Jong en Anton Constandse aan bijdroegen (De Spaanse burgeroorlog en zijn gevolgen, UP Leiden, 1973). Buve schreef een daarin een historisch-sociologische bijdrage over de Spaanse dorspsamenlevingen in de periode van de burgeroorlog. De Leidse Universiteit herdacht Buve uiteraard ook, zie Online.
Ook vpro-coryfee Jan Donkers is niet meer onder ons is. Hij overleed op 19 april j.l., 82 jaar oud. Donkers was onder meer een groot kenner van de V.S. Hij studeerde sociologie met onder meer amerikanistiek als bijvak, bij Den Hollander en Rob Kroes. Als presenator bij K.U.T.-radio (tsja, UT staat voor de University of Texas waar Donkers, als writer-in-residence een tijdje aan verbonden was) had hij vrijwel zeker ooit George W. Bushaan de lijn! Donkers werd vooral bekend als radiopresentator en popjournalist. Ik recenseerde zijn laatste boek voor het muziek blad Heaven (zie Online).
Een van Donkers’ eigen laatste boekbesprekingen betrof het belangrijke boek Red Scare van Clay Risen, handelend over Blacklists and The Making of modern America, (New York, Scribner, 458 pp., ca. € 28,50). Zie voor Donkers’ NRC-recensie, Online. Het McCarthyism was zoals in dit boek onderstreept wordt zeker niet de enige anti-linkse golf in de VS. Vreemd vond ik wel dat in dit boek Werner Sombart’s klassieke studie Why there is no Socialism in the United States – de originele Duitse versie hiervan dateert uit 1906 – niet eens genoemd werd!
Beverly Cage schreef in The New Yorker schreef over Red Scare, zie Online.
Leuk om in dit verband ook een interview met politicoloog Arend Lijphart – hij is 89! – te kunnen melden (NRC, 13.12.2025). Hij werd vooral bekend door zijn werk over de verzuiling. Nu volgt hij vanuit San Francisco vooral de Amerikaanse politiek. De kop boven het interview was veelzeggend: “De VS waren nooit echt democratisch”. Toch had Lijphart ook goed nieuws: “Ik zie dat er bij de Republikeinen iets loskomt”, zie Online.
Intussen gaat het dus niet goed met de wereld, to put it mildly… Nederland kreeg zowaar een nieuw kabinet. D66 liet zich onder leiding van Jetten echter inpakken door de VVD. D66 levert de premier, VVD het kabinetsbeleid, kopte De Volkskrant (2.2.2026) treffend. Onversneden rechts, concludeerde Kim van Keken in De Groene (5.2.2026) over het minderheidskabinet Jetten, zie Online. In zijn cmpagne had Jetten had het onder meer over 10 nieuw steden die gebouwd zouden moeten worden. Te gek voor woorden natuurlijk. Nota bene Reinier de Graaf, partner bij OMA – het Rotterdamse architectenburo van Rem Koolhaas dat het ernstige misverstand De Rotterdam op de Wilhelminapier neerzette – publiceerde, contra zijn métier lijkt me zo, het belangrijke artikel Er staan genoeg huizen; stop met bouwen én met slopen (NRC, 4.4.2026, zie Online). Ik ben dan ook zeer benieuwd naar zijn Architecture Against Architecture, een boek dat recent bij Verso verscheen…
Maar ach… Het kan allemaal nog veel erger. Aan Donald J. Trump en zijn Amerika zou ik intussen een hele aflevering van deze rubriek kunnen wijden. Er verschenen in allerlei kranten en tijdschriften vele prima artikelen over de man en zijn verwarde en verwarrende optreden. Ik noem twee Nederlandse bijdragen. Een artikel van Rutger van der Hoeven in De Groene (8.4.2026, zie Online). ‘Mijn God, hij zegt het gewoon’ – waarin de voor- en nadelen van de hypocrisie centraal staan. In de jaren dat de Amerikanen er onder meer voor zorgden dat Allende werd afgevoerd was er altijd een verhaal over het hoe en het waarom. Hypocriet maar toch…. Dat soort verhalen hoor je nu niet of nauwelijks meer. De conclusie van Van der Hoeven: “Hypocrisie is geen fraaie eigenschap en zal dat nooit zijn. Maar zonder is de wereld wellicht slechter af”.
Minstens zo goed was het artikel dat Matthijs van Boxtel schreef voor het literaire tijdschrift De Gids over Trump als trickster. Het verscheen in een themanummer van dit blad over de Trickster. En ja, ook dat artikel staat gelukkig online! Zie Trickster. Trickster betekent zo veel als schelm, oplichter en werd onder meer in de culturele antropologie, verwijzend naar een cultureel archetype, een belangrijk begrip. Onder meer de antropoloog Paul Radin (1883 – 1959) schreef er over in zijn The Trickster (1987). Iets recenter verscheen van de essayist Lewis Hyde de studie Tricksters Makes This World (2008). In het Gids-nummer ontbrak helaas een bijdrage van ‘corporate antropologe’ Jitske Kramer. Zij publiceerde het boek Tricky Tijden. Boven een NRC-interview met Kramer (13.9.2025) dat verscheen naar aanleiding van dit boek, stond ‘We hebben magie nodig, niet alleen winstbejag’…. Zie Online.
Tòch nog even terug naar Trump. Mary L. Trump, Trump’s (enige) nicht èn klinisch psycholoog, schetste in Too Much And Never Enough. How my family created the world’s most dangerous man (2020) een psychologisch portret van haar neef. De Nederlandse vertaling heet, Te veel en nooit genoeg. Hoe mijn familie de gevaarlijkste man ter wereld heeft gecreëerd (Xander, 248 pp., €24,99, inmiddels overal afgeprijst verkrijgbaar voor ca. €10,00).
Aan de strijd in Soedan wordt nog altijd slechts mondjesmaat aandacht besteed. Drie jaar na het begin van de oorlog in Soedan blijft de grootste humanitaire crisis ter wereld een louter regionaal probleem luidde een terechte kop boven een artikel van Naïm Derfbali in NRC (5.4.2026), zie Online. Publiciste Anne Applebaum (1964-) publiceert met enige regelmaat over Sudan. In het Amerikaanse maandblad The Atlantic onder meer het artikel The war about nothing (sept 2025), zie Online. Je kunt op deze site trouwens één keer gratis een artikel lezen. Met een of meerdere e-aliassen kan er vast meer !?
Ook voor Gaza was veel aandacht. In de dagbladen uiteraard, maar vermeldenswaard is zeker ook het boek van journalist Martijn Lauwens, (o.a. werkzaam voor de Vlaamse krant De Morgen) met de – helaas – uiterst treffende titel De schande van Gaza. Een genocide voor het oog van de wereld (Berchem, Epo 2025, 391 pp. € 27,50, ook verkrijgbaar als e-book). Ik las recent ook het een en ander over de Balfour Declaration… Daar begon het allemaal mee in Palestina. Die ‘verklaring’ was een belofte die zijn naam dankt aan een brief die Lord Balfour die de Britse minister van Buitenlandse Zaken op 2 november 1917 (toevallig ook de geboortedatum van wijlen mijn vader) schreef aan Lionel Walter Rotschild, een telg uit de Rotschild-familie èn bestuurslid van de Zionistische Federatie. Balfour zegde in die brief Britse steun toe bij het realiseren van een “national home for the Jewish people” in Palestina – zie bijvoorbeeld ook Wikipedia, Online.
Ik ben geen kenner van de regio maar toch: Een goed boek hierover vond ik het nog altijd verkrijgbare boek van Bernard Regan, The Balfour Declaration. Empire, Mandate en Resistance in Palestine (London, Verso, 2017, 278 pp.). Absoluut minder kritisch, maar desalniettemin informatief vond ik Paul Azous’ The American Balfour Declaration. The Origins of U.S. Support For Zionism 1917 – 1922 (Jacksonville, Acaday Press, 185 pp.). Intussen is de Joodse gemeenschap in New York verdeeld over Gaza. Ik las er in The New Yorker een indrukwekkend artikel van Eyal Press over: The Divide (The New Yorker, April 6. 2026). Gelukkig ook online te raadplegen. Zie Gaza.
Graswürzel Revolution kwam vorige maand met een themanummer over anti-militarisme, zie Online, met daarin een aantal actuele artikelen maar ook een interessant artikel over Erich Mühsam, zie Online. De sympathieke Amerikanist en historicus James Kennedy (1963-) schreef intussen in zijn zaterdagse Trouw-column over de afnemende ‘sneuvelbereidheid’ van Amerikaanse militairen (Trouw, 21.2.2026). Dat is uiteraard goed nieuws. Zie Online. Historicus Jill Lepore, verbonden aan Harvard, verwacht intussen veel politiek geweld in de Verenigde Staten. Zij bereidt een boek voor, The rise and fall of the artificial state, waarin zij laat zien hoe de grote tech-bedrijven en de bazen daarvan de Amerikaanse democratie ondermijnen, zie het NRC- interview met haar: Online.
Ik benadrukte hier al vaker het belang van de filosofen die bekend werden als leden van de Frankfurter Schule. Van de meest ‘literaire’ vertegenwoordiger van deze school, Walter Benjamin (1892 – 1940) verscheen een nieuwe biografie, zie Online. Van Herbert Marcuse (1898 – 1979) – hij had in de jaren ’60 invloed op met name de Amerikaanse studentenbeweging – verscheen een biografie in de vorm van een stripboek (Nick Thorkelson, Herbert Marcuse – Eine illustrierte Biographie (Münster (Unrast Verlag, 2025 118 pp. €18). Das revolutionärste Mitglied der Frakfuter Schule oordeelde Peter Oehler in het Duitse anarcho-tijdschrift ‘Grazwürzel’. Zijn bespreking vind je hier Online.
En dan overleed ook nog eens Jürgens Habermas (1929 – 2026). Ooit student-assistent van de volgens velen de belangrijkste Frankfurter, Theodor Adorno (1903 – 1969). Habermas werd door Nederlandse sociologen sociologie als een belangrijke denker beschouwd. In Duitsland was hij toch vooral een ‘publiek intellectueel’ die zou uitgroeien tot ‘het geweten van naoorlogs Duitsland’, aldus een IM in NRC (16.3.2026). De Duitse Kanselier Merz (CDU) noemde hem zelfs ‘een van de belangrijkste eigentijdse denkers’, aldus Frank van Weein zijn IM in De Groene (16.3.2026), zie Online. Ik moest denken aan De Gaulle over Jean Paul Sartre…. On ne met pas Voltaire en prison, zei De Gaulle tegen een minister die voorgesteld had om Sartre te arresteren…
Van historicus Wessel Krul verscheen een biografie van Charley Toorop. Krul is onder meer bekend van zijn biografie van Dirk Hannema, de ‘foute’ Boijmans-directeur en ‘Vermeer-kenner’: hij zou voor Boijmans Van Meegeren’s Vermeer-vervalsing aankopen . Schilderes Charley Toorop (1891 – 1955) is onder anarchisten vooral bekend als een van de liefdesrelaties van de anarcho-syndicalist Arthur Lehning. Zoals bekend schreef een latere relatie van Lehning, Toke van Helmond-Lehning een boekje over deze relatie: Zelfportret van een liefde, Charley Toorop en Arthur Lehning (antiquarisch ruim beschikbaar voor rond de €17,50). Al met al had ik niet de indruk dat Krul veel nieuws over deze relatie te melden had.
Krul noemt in zijn boek ook de anarchist Bart de Ligt veelvuldig. En tsja, wie noemde hij eigenlijk niet? Trouwmeldde dan ook zeer terecht dat Krul’s biografie ook gelezen kan worden als een wie-was-wie van de Nederlandse cultuurwereld uit de eerste helft van de twintigste eeuw, een quote die – uiteraard – de site van de uitgever haalde. Of dat echt een aanbeveling is weet ik niet (Wessel Krul, Charley Toorop. Een schlldersleven,Amsterdam (Boom), 637 blz.,€39,90). Krul’s boek zal de reputatie van Lehning in ieder geval geen goed doen, vermoed ik. Die reputatie lag trouwens al eerder onder vuur van historicus Wim Berkelaar, zie zijn online-publicatie Anarchist Arthur Lehning of de geschiedenis van een reputatie (zie Online).
En tsja, Sandra Smets noemde in haar NRC-recensie (26.3.2026) van Krul’s Toorop-boek Lehning een kleinzielig mannetje. “Terwijl hij zijn visionaire teksten over kunst en politiek schreef, mishandelde hij haar zoals haar ex-man ook had gedaan. Lehning verwachtte door haar te worden onderhouden en verzorgd, en hanteerde een dubbele moraal: hij mocht wel vreemdgaan, zij niet. Treffend beschrijft Krul hoe de liefde in die langdurige conflictueuze relatie verwerd tot een dwanggedachte.” Zie Online. Ooit oordeelde Martin Smitanders. In 1999 publiceerde hij in het Nieuw Letterkundig Magazijn het artikel De eeuw van Arthur Lehning; zie Online.
- In Het Nieuwe Instituut (zo heet het Architectuur Instituut na de fusie met een design-museum: een bizarre naam vind ik nog altijd – is nog tot 9 augustus de tentoonstelling Fungi – Anarchistische Ontwerpers te zien. Een fascinerende tentoonstelling over fungi, schimmels en paddenstoelen dus. Ik ben ook hier absoluut geen kenner van. Ik las er ooit wel eens wat over, onder meer in het prachtige ‘bomenboek’ van Peter Wohlleben, verschenen in 2015 en een jaar later ook in het Nederlands vertaald (Het verborgen leven van bomen, Bruna Amsterdam) . Het boek kreeg als ondertitel ‘Wat ze voelen , hoe ze communiceren – ontdekkingen uit een onbekende wereld. Wohlleben beschreef daarin onder meer de ‘samenwerking’ tussen bomen en schimmels. Ook bomen leven liever samen, kopte De Volkskrant (14.8.2021, niet online verschenen) in een recensie van dit boek. Zoveel werd duidelijk op deze tentoonstelling: bomen zijn belangrijk, schimmels en andere fungi ook! De Nederlandse dagbladen lieten het afweten: nul recensies, terwijl nota bene de Britse krant Guardian er wel een royale recensie aan besteedde, zie Online.
- Ten onzent recenseerden alleen enkele vakbladen aandacht aan deze belangrijke tentoonstelling, waaronder het kunsttijdschrift Metropolis M (zie Online) en De Architect (zie Online). De tentoonstelling is nog te zien tot 9 augustus.
- Op 24 april dit jaar kwam NRC overigens wel met een bomenboekenbijlage die de op het omslag de leuze meer kreeg van Word een boom en verbeter de wereld’. In die bijlage wordt onder meer een nieuw boek van de genoemde Peter Wohlleben besproken alsook het, met zelfs 5 sterren gewaardeerde Het zuchten van bomen van Roanne van Voorst (Nijgh & Van Ditmar, 144 blz. €17,99), zie Online.
- Het is opvallend dat er meer architectuurmusea zijn die aandacht besteedden aan ‘groen’. Zo ook het Vlaamse Architectuurinstituut in Antwerpen waar tot 1.2.2026 de tentoonstelling Getemde Natuur te zien was. Min of meer als catalogus verscheen het fraaie boek Groen erfgoed in de stad onder redactie van Natascha Lensvelt (Rotterdam, nai010, 2025, 224 pp. € 34,95). In NRC (5.1.2025) een recensie, zie Online. Goed om te zien dat in dit boek begraafplaatsen als stedelijk groen de nodige aandacht kregen, in een prima bijdrage van specialist Leon Bok. Die aandacht is zeker niet vanzelfsprekend zoals ik een paar jaar terug in het tijdschrift Groenvaststelde, zie Online.
- Wie groen zegt, zegt klimaat… Graag noem ik aansluitend een tweetal ‘klimaatboeken’ die in 2025 verschenen. Ex-consultant (!) Paul Schenderling benadrukt in zijn Continent van kwaliteit. Hoe Europa een eigen economisch koers kan kiezen (Leiden, Bot, 384 pp., € 27,50) onder meer de economische aspecten van de klimaatproblematiek. In een inleidend hoofdstuk onderstreepte hij echter allereerst wat hij de ‘pijnlijke scheiding’ tussen kapitalisme en democratie noemde. In NRC een prima interview met de auteur, zie Online. Het andere te noemen boek heet Wie betaalt, mag vervuilen door Ties Gijzel en Mira Sys, een uitgave van Follow The Money, een Nederlandse organisatie van onderzoeksjournalisten (zie Online). Hendi Blake noemde het verrichte onderzoek van FTM in The New Yorker (!) terecht baanbrekend, zie Online.
- Intussen heeft de wetenschap het moeilijk, evenals aanpalende instituties zoals…. het ziekenhuis. “Met onze gezondheid raken we terug in de Middeleeuwen”, stelde chirurg-oncoloog en hoogleraar Schelto Patijn in een interview in NRC (25.4.2026; zie Online). Eerder had Ivan Illich (1926 – 2002) kritiek op instituties als ziekenhuizen. De AS (# 146, zomer 2004) besteedde een themanummer aan zijn ideeën, zie Online.
- In de VS – en niet alleen daar – is vooral ook het migratie-onderzoek onder vuur komen te liggen. Niet alleen door Trump overigens… Opinies spelen een rol bij de conclusies uit migratie-onderzoek, luidde een kop in NRC (2.1.2026) waarin een in het Amerikaanse tijdschrift Sciences Advances verschenen onderzoek werd besproken. Het NRC-artikel vind je Online. Het Amerikaanse artikel Ideological bias in the production of research findings van George J. Borjas en Nate Bireznau vind je eveneens Online. Migratiehistoricus Leo Lucassen meldde in het genoemde NRC-artikel dat hij ‘heel blij’ was met dit onderzoek. Zou die dat menen? Hoe dan ook: die gevoeligheid is er, stelde hij vast. De genoemde Borjas deed onderzoek naar de Cubaanse migratie naar de VS, hetgeen, zo stelde deze Borjas, een negatief effect had op het loonnivo in Amerika. En tsja, daar hebben we dan toch Trump weer: hij haalde dit Amerikaanse artikel aan als steun voor zijn plan om immigratie te beperken…
- In Nederland verscheen intussen in 2025 bij het Sociaal Cultureel Planbureau de interessante studie Migratie als spiegel van maatschappijbeelden, van de hand van Sander Kunst, Marcel Coenders en Jaco Dagevos, een rapport waarin, zoals de ondertitel aangaf opvattingen van de Nederlandse bevolking over migratie, identiteit, samenleving en politiek centraal stonden. Een samenvatting vind je Online. Het hele rapport vind je hier Online.
Ik was in mijn werkzame leven vooral ook migratie-onderzoeker. Bij de gemeente Rotterdam werkte ik bij de Sociaal-Wetenschappelijke Afdeling (SWA) van de ‘soos’, de gemeentelijke dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid dus. Directeur Ien Dales zorgde er in 1978 voor dat die afdeling er kwam. Er werden door de dienst altijd al allerlei cijfers verzameld. Het leek Dales een goed idee als er eens iemand ging kijken wat er zoals achter die cijfers zit en zat… Als hoofd van die nieuwe afdeling werd in 1978 de Leidse antropoloog Gerard Oude Engberink (1942 – 2021) aangesteld….
Onlangs verscheen een biografie van Dales, van de hand van Sylvester Hoogmoed (Pontificaal sociaal. Ien Dales 1931 – 1994, Prometheus, Amsterdam. 432 blz. € 32,50). In deze prima biografie gelukkig ook een hoofdstuk over die afdeling, ook lange tijd mijn afdeling dus. Helaas krijgt het maatschappelijke belang van die afdeling niet heel erg veel aandacht. Ouwe E. slaagde er namelijk in om, voor het eerst, ‘armoede in Nederland’ op de kaart te zetten. Door eigen onderzoek uiteraard maar ook door contacten op te bouwen met maatschappelijke organisaties zoals Vrouwen in de bijstand en… Herman Noordegraaf’s De arme kant van Nederland. Maar helaas, armoede bestaat nog steeds, ook in Nederland… Van de afdeling bleef intussen helaas weinig over. Door een fusie met onder meer de statistiekafdeling van de gemeente en de onderzoekers van de GGD zou die afdeling – met de afschrikwekkende naam Onderzoek en Business Intelligence – geleid gaan worden door managers zonder directe affiniteit met sociaal-weenschappelijk onderzoek. Dat onderzoek zou gemarginaliseerd worden. Er is nog wel een website, zie Online.
Ik had het voorrecht om, samen met twee collega’s als mede-redacteuren bij zijn afscheid van zijn SWA een vriendenboek voor Gerard samen te stellen: Gerard Oude Engberink. Armoedeonderzoeker tussen wetenschap en politiek (S0ZaWe / Rotterdam, gemeente Rotterdam, 2001). Daarin ook een bijdrage van Herman Noordegraaf over De kerken en de arme kant van Nederland. Dales-biograaf Hoogmoed heeft die bundel helaas gemist. Ook Gerard’s opvolger Aat Brand had hij kunnen en naar mijn mening moeten interviewen… En zo is er meer. Jammer. En dat vooral omdat het succes van die afdeling SWA uiteindelijk te herleiden is tot…. Ien Dales. Zij werd overigens vooral bekend door haar fraaie one-liner ‘je kunt niet een beetje integer zijn’. En ook dat is belangrijk.
Ik wil afsluiten met ‘muziek’. Punk bestaat namelijk 50 jaar. En tsja, door het album Anarchy in the UK (1976) van de Sex Pistols was de link gelegd tussen punk en anarchie gelijk al gelegd. Min of meer ook met het anarchisme. Allerlei muziekbladen – waaronder Mojo en Uncut – besteedden aandacht aan dit jubileum. Helaas staat dit alles achter betaalmuren. In De Groene (23.4.2026) een artikel van Fred de Vries over 50 jaar punk, onder de kop Alles op z’n kop, zie Online. Overigens publiceerde Fred de Vries samen met Siebe Thissenover something completely different: de progrock. Hun boek kreeg de titel Bombastisch, ondansbaar en weergaloos (Van Gorcum, 2022) en is momenteel in de ramsj verkrijgbaar voor € 9,90. De Vries schrijft ook voor Het Platenblad. In het recent verschenen nummer #298 trof ik aflevering 27 van zijn serie over Amerikaanse punk, hoofdstuk 2 van een verhaal over, jawel, Black Flag. Info: platenblad@planet.nl , zie ook Online.
Cees Bronsveld
Reacties op en suggesties voor deze rubriek graag naar ceesbronsveld@outlook.com
Reacties (0)
Voeg nieuwe reactie toe
Wij tolereren geen: racisme, seksisme, transfobie, antisemitisme, ableisme enz.