Tegen oorlogskoorts en militarisering… maar hoe gaan we met die oorlog om?
vrijdag 25 september 2026
Al verschenen op de website van Doorbraak, waar ik het eerst had aangeboden. Daar dus al te lezen, opgemaakt met illustraties en tussenkoppen en al.
Komende zondag, 27 september 2026, gaat een potentieel belangrijke actie plaats vinden onder de leus: ‘Stop de oorlogskoorts’.(1) Die leus is goed. Er is van een systematisch door hogerhand opgestookte oorlogskoorts sprake, en dat is eng. De reden is wart dit betreft dus zinnig. Er is alle reden om je uit te spreken tegen de oprukkende militarisering, ook in Nederland. Als dat het signaal is dat van de actie uitgaat, dan is dat een goed signaal. Maar ik hou mijn hart vast. Het is heel goed denkbaar dat er een ander signaal van de actie zal uitgaan, een signaal waarmee de strijd tegen militarisering, oorlog en oorlogsgevaar veel minder is gediend.
Vooral over de eisen van de actie ben ik namelijk veel en veel minder te spreken dan over die oorlogskoorts-leus. Het wiebelt allemaal tussen een onverstandig pacifisme en een pragmatisch, op onderhuids nationalisme gestoeld ‘realisme’ in. Een serieus antimilitaristisch manifest ziet er anders uit. Een verstandige houding jegens de oorlog in Oekraïne heeft een andere strekking en onderbouwing. Als ik ga, dan ga ik om te helpen dat broodnodige signaal af te geven tegen de inderdaad groeiende militarisering. Maar dan ga ik ondanks, en niet dankzij, grote delen van de strekking van het manifest en de oproeptekst met eisen zoals ik die lees.
Kans ik echter groot dat ik het helemaal voor gezien hou. Ik vrees namelijk dat ik met deelname onbedoeld steun zou geven aan iets dat veel te makkelijk heel ander gelezen kan worden dan als een eerlijk en helder nee tegen militarisering. Ik hoop dat ik dat mis heb, en ik ga er maar van uit dat mede-anarchisten die wèl gaan, er dan in ieder geval krachtig aan zullen bijdragen om de toon van de actie scherp en daadwerkelijk antimilitaristisch te houden. Tegen alle imperialisten, want dat is nodig. Tegen de Westerse imperialisten. Maar evenzeer de Russische imperialisten waartegen de Westerse imperialisten ons proberen te mobiliseren door de oorlogskoorts aan te wakkeren. En tegen degenen op de actie die met name de Russische imperialisten helpen voorzien van een stukje geloofwaardigheid dat ze niet verdienen. Mochten die er zijn, maar ik vrees van wel.
Wat is er zo problematisch aan de tekst met eisen van de actie? Ik loop de tekst stap voor stap eens langs. Het eerste punt: ‘Stop de militarisering en de sociale afbraak’. Dat onderschrijf ik van ganser harte. Het is verkeerd hoe de maatschappij steeds meer in dienst van oorlogsvoorbereiding wordt gesteld, hoe de productie daarop wordt afgestemd, hoe de bevolking mentaal wordt voorbereid om een naderende oorlog, hoe een veiligheidsobsessie systematisch aangewakkerd wordt en om zich heen grijpt. Aan het eind van dit traject ligt de totalitaire staat – eentje die opvallend veel gemeen zal hebben met de staat van Poetin – en daarmee een eind aan elke reden om deze maatschappij te gaan lopen verdedigen tegen vijanden van buitenaf, voor zover zo’n reden sowieso bestaat.
De echte vijand is dat om zich heen grijpende, van bovenaf aangestuurde militarisme, niet in dienst van vrijheid van ons allemaal maar van de rijken en machtigen die ons dit opleggen en afdwingen. Om dat militarisme door te zetten beroven ze ons van rechten en vrijheden. Om dat militarisme te betalen, beroven ze ons van uitkeringen en andere stukken inkomens, en van allerhande voorzieningen die zogenaamd ‘niet meer te betalen’ zouden zijn want de oorlogspolitiek moet gefinancierd. Weg met die militarisering, hier met al die hulpbronnen, zodat we ze in bibliotheken en ziekenhuizen, in uitkeringen, onderwijsinstellingen en in een snelle, eerlijke, groene transitie kunnen steken. Een transitie zonder politie, want ook politiemacht is een stuk militarisering.
Inadequaat is dit deel van de tekst vooral omdat het de zaak stelt als een eis die je aan een regering kunt stellen. Militarisering kun je bestrijden, tegenwerken, dwarsbomen, het militarisme kun je ontmantelen als we sterk en vastbesloten genoeg zijn. Het is een beetje onzin om dat van regeringen te eisen. Het is een beetje alsof je van de zon sneeuwvlokken afroept, of van appelbomen vraagt dat ze boekweit levert. Eisen dat de overheid niet militariseert is net zoiets als eisen dat de overheid ons anarchie – de constructieve en noodzakelijke anarchie van Petr Kropotkin en Emma Goldman, niet de ‘anarchie’ van de law and order spookverhalen, hoe leuk die soms ook is – – komt brengen. Je eist zoiets niet. Je doet het zelf. Specifieke, er uit voortvloeiende eisen – geen dienstplicht, geen werving of beïnvloeding van jongeren’, dat soort specifieke dingen – zijn dan wel weer prima. En de strekking op zichzelf van de tekst onder punt één is zinnig. Daarvoor de straat op gaan is dat ook.
Punt twee. ‘Geen steun voor Amerikaanse en Israëlische agressieoorlogen, oorlogsmisdaden en genocide’. Wat daaronder staat, is prima, en waar het minder prima is, betreft het details en zaken van woordkeus, niet belangrijk genoeg hier. Omdat ik achter de eisen van punt twee sta, neem ik vaak deel aan protesten tegen de alsmaar door dreunende genocide die Israël tegen Palestijnen doorzet, in Gaza, op de Westelijke Jordaanoever… Het is uitstekend om dit geluid ook op het komende protest tegen de oorlogskoorts te laten weerklinken, en het straatbeeld weer te voorzien van flinke aantallen Palestijnse vlaggen.
Maar dan punt drie! Daar gaat het over Oekraïne en de oorlog aldaar, en dan zijn de pacifistische poppen aan het dansen met hun ‘realistische’ partners/rivalen. Daar gaat het vrij ernstig mis. De eerste zin gaat nog: ‘Wij veroordelen de illegale invasie van Oekraïne en het verwoestende geweld waarvan de Oekraïense bevolking de hoogste prijs betaalt.’ Het mag van mij steviger. De oorlog is illegaal, maar kraken is dat tegenwoordig ook, en zitten op de weg wordt ook als zodanig behandeld. De wet is voor antimilitaristen toch geen doorslaggevend argument? Al was de actie legaal volgens één of ander statuut of wetboek, dan was het nog steeds een misdaad. En muiterij tegen zo’n oorlog is zeer zeker illegaal, maar wel hard nodig, net als desertie. Bespaar me de legaliteitspraat, alstublieft.
De oorlog is crimineel, want een daad van agressie. De oorlog is crimineel, want een gewelddaad tegen de bevolking. De oorlog is crimineel, want genocidaal van strekking en deels ook van realiteit. Systematisch hartje winter de energievoorziening van de bevolking stukmaken met raketten, is een poging om honderdduizenden mensen dood te laten vriezen. Dat is Gaza, maar dan in een Europees landklimaat. Verschil is dat Oekraïners vrij effectief kunnen terug slaan, omdat ze behoorlijk wat effectieve wapens hebben. Daarom is het gerechtvaardigd om in Oekraïne van een oorlog te spreken, en in Gaza niet: wat daar gebeurt is een eenzijdige slachtpartij. Maar aan de genocidale ambities van de Russische leiding doet dat verschil niets af.
De veroordeling van de Russische agressie- en bezettingsoorlog mag dus best wat steviger. Maar dat is niet alles. De bedaard-veroordelende zin is amper afgelopen of de zaak wordt al gerelativeerd. ‘Tegelijkertijd dreigt de oorlog zonder geloofwaardig perspectief op een politieke oplossing uit te lopen op een eindeloze uitputtingsslag’, met nog veel meer slachtoffers en kans dat het steeds verder escaleert. En dus: ‘Nog meer bewapening en verdere militaire escalatie brengen een duurzame vrede niet dichterbij, maar verlengen juist het bloedvergieten en vergroten de risico’s voor heel Europa’. Het klinkt bezorgd-verstandig. Maar het rammelt.
Allereerst is er natuurlijk allang een ‘geloofwaardig perspectief op een politieke oplossing’. Die oplossing heet: een einde aan de Russische poging om Oekraïne te overheersen en geheel of gedeeltelijk te bezetten. Het perspectief is er ook: terugtrekking van de Russische troepen en stopzetting van alle Russische aanvallen. Rusland is dit begonnen. Rusland had daartoe, zoals ook de opstellers van de tekst erkennen, niet het recht. Rusland kan beëindigen wat het begonnen is. Rusland vertikt dat, en weigert zelfs een staakt-het-vuren als niet bij voorbaat aan allerlei eisen wordt tegemoetgekomen. Alle praat over uitzichtloze escalatie en eindeloos oorlogsgeweld mag dat allemaal niet aan het zicht onttrekken. Serieuze stappen richting vrede horen minimaal stappen te omvatten die Rusland ertoe bewegen om haar oorlog stop te zetten.
Is er kans op escalatie? Ja. Is dat gevaarlijk? Ja. Willen we dat? Nee. Maar is het automatisch zo dat het afzien van het bewapenen van één kant – de slachtoffers van agressie, de kant waar de bevolking met genocide wordt bedreigd – zelf de escalatie veroorzaakt? Was het bewapenen van Vietnamese verzetsstrijders door China en vooral de Sovjet-Unie in de jaren 1960 en 1970 het recept voor eindeloze escalatie? Verschafte die wapensteun de Vietnamese verzetsstrijders niet eerder de slagkracht om de druk zo ver op te voeren dat de VS begon in te zien dat ze Vietnam beter prijs kon geven? En vergis je niet, het ging bij de steun vanuit de Sovjet-Unie niet om wat machinegeweren en pistolen. Het ging om tanks en om straaljagers waarmee de Vietnamese verzetslegers in 1975 het pro-Amerikaanse marionettenbewind in Zuid Vietnam onder de voet liepen. Het ging om deelname van Russisch militair personeel aan de strijd, ik meen in de luchtverdediging rond de Vietnamese hoofdstad Hanoi. De steun die de Vietnamese troepenmacht kreeg was bepaald geen kleinigheid.
Was het trouwens niet in de allereerste plaats die VS die met steeds grotere aantallen troepen en vernietigende bombardementen de escalatie aanjoegen? Hielp juist de onverzettelijkheid van die Vietnamezen – met ‘escalatie’, zo je wilt – niet om de VS er van te doordringen dat ze met verdere escalatie geen zinnig doel meer kon bereiken, maar vooral de cohesie van het Amerikaanse leger zelf in gevaar begon te brengen? Zullen we, als we het over escalatie hebben, tenminste de agressor als hoofdverantwoordelijke wel blijven onderscheiden van het doelwit en degenen die dat doelwit van de agressie van wapens voorzien? In Vietnam heette de agressor de VS. In Oekraïne heet de agressor Rusland. En ook in Oekraïne is die agressor primair verantwoordelijk voor de escalatie. Verder wijst Hidde Bouwmeester, een wel erg enthousiaste supporter van Oekraïne overigens, er terecht op dat Rusland op cruciale momenten van escalatie is weerhouden. Hoe? Door stevig terug te dreigen.(2) Nee, het is niet waar dat opvoering van druk door de ene kant automatisch tot opvoering van druk door de andere kant leidt.
Het is tevens nodig om te doordenken wat het betekent als je afziet van ‘nog meer bewapening’ voor Oekraïne. Daarmee komen we aan de eisen die onder punt drie staan: dat ‘Nederland zich inzet voor een rechtvaardige en duurzame vrede en Oekraïne de diplomatieke, politieke en humanitaire steun geeft die nodig is voor een onderhandelde oplossing met solide veiligheidsgaranties te bereiken.’ Hutspot, maar dan van het nauwelijks eetbare soort en met ontbrekende voedingsstoffen.
Mogen we, om eens iets te noemen, wat concreter te zien krijgen wat een ‘rechtvaardige en duurzame vrede’ zou kunnen inhouden? Worden daarin inperkingen op de Oekraïense soevereiniteit getolereerd, om Rusland ter willen te zijn? Hoe zit het met de door Rusland bezette gebieden – allemaal? Mag Rusland de Krim houden, voor de lieve vrede met Rusland? Rusland wil ongetwijfeld ook een ‘duurzame en rechtvaardige vrede’. Iedereen wil dat. Precies omdat Rusland zo’n vrede wil is Rusland bezig Oekraïne eindeloos te terroriseren, want rechtvaardigheid betekent bij minister Lavrov en zijn chef onderwerping aan de Russische eisen waarvan je de rechtvaardigheid in Moskou maar beter niet kunt betwisten.
En die steun die Oekraïne volgens punt drie mag krijgen om tot een acceptabele vrede met bijbehorende garanties te komen, hoe gaat dat werken? Wat betekent diplomatieke en politieke steun, als daar militaire steun ontbreekt? Moeten we het zo lezen dat militaire hulp, waar die nodig is om de politieke en diplomatieke positie van Oekraïne kracht bij te zetten, bij de oproep voor diplomatieke en politieke steun is inbegrepen? Of moeten we de tekst juist lezen als ‘diplomatieke, politieke en humanitaire maar geen militaire steun voor Oekraïne’? Gezien de eerdere zinnen waarin tegen ‘nog meer bewapening’ wordt gewaarschuwd, vrees ik dat het tweede wordt geïmpliceerd: geen militaire steun aan Oekraïne.
Het zou wel zo netjes zijn als dit dan met zoveel woorden hardop zou worden gezegd. Het staat er nu niet. Maar ergens staat het er ook weer een beetje wel. Zeer ongemakkelijk. Ik vind het niet vreemd dat veel mensen – linkse mensen ook, mensen die helemaal geen fan zijn van NAVO en Amerikaanse oorlogspolitiek – de indruk hebben dat deze actie vooral dát geluid laat weerklinken: een geluid van mensen die het okay vinden dat Oekraïne wapensteun wordt ontzegd, ongeacht wat Rusland doet. Als de oproep die indruk wil vermijden, dan is er een oplossing denkbaar. Duidelijkheid geven. Een helder standpunt bieden waarmee de mensen in Oekraïne niet impliciet onder een Russische bus gegooid dreigen te worden. Of openlijk zeggen dat je vindt dat die Russische bus te verkiezen valt boven het ondersteunen van de Oekraïnse pogingen om zich de agressor van het lijf te vechten. Ik kies voor het eerste.
Je kunt dan het volgende zeggen. We zijn tegen algehele militarisering, we zijn tegen de eindeloos stijgende bewapening en oorlogsuitgaven, en tegen de sociale afbraak van waaruit die zou worden betaald. We zijn er tegen dat de oorlog in Oekraïne als propagandawapen wordt gebruikt om die militarisering aan te jagen, zoals momentele op grote schaal gebeurt. Maar we vinden het prima als al die wapens die Westerse staten nu allang hebben, een flink deel aan Oekraïne ter beschikking wordt gesteld om de mensen daar in staat te stellen om de Russische agressor en bezetter het land uit te werken en ervan te weerhouden zo’n ‘Speciale Militaire Operatie’ nog eens te proberen. We zien protest tegen specifiek deze wapensteun aan Oekraïne niet als stap naar vrede, maar als het eenzijdig helpen van één van de partijen in deze oorlog, namelijk de aanvaller. En dat willen we niet. Zoiets kun je zeggen. Zoiets zou goed zijn. Zoiets past prima binnen een bredere oproep tegen oorlog en militarisering.
Je kunt de noodzakelijke ad hoc wapensteun aan een samenleving in verzet tegen imperialisme uitstekend loskoppelen van de volstrekt onnodige en verwerpelijke trend naar militarisering van de hele maatschappij. Je kunt in bredere zin antimilitarist zijn zonder qua Oekraïne een pacifistisch standpunt in te nemen – een pacifistisch standpunt waarmee Oekraïense vrijheid en zelfs voortbestaan niet echt is gediend. Je kunt dit ook nog combineren met een kritische opstelling jegens Oekraïne zelf. Want hoe bijvoorbeeld de Oekraïense staat mensen ronselt voor haar leger (3) is onverdedigbaar, net als de tolerantie-en-erger jegens fascistische symboliek en aanwezigheid in de Oekraïnse maatschappij en staat. Maar ook daar kun je stelling tegen nemen zonder dat je daarmee de Oekraïners-in-verzet van noodzakelijke middelen berooft.
We gaan naar punt vier, en daar wordt het weinig beter. ‘Voor een onafhankelijke Nederlandse vredespolitiek’, lees ik. Hier huiver ik eventjes. Hier wordt Néderland in het middelpunt van de analyse geplaatst, als een subject, als een collectieve persoon die zus of zo hoort te doen, waar we ons mee hebben te identificeren en waarvan we op die basis eventueel dingen kunnen verlangen, want wij horen toch ook bij de familie. Dit is een nationalistisch denkkader. Dit staat haaks staat op de grensdoorbrekende solidariteit die juist antimilitaristen maar beter kunnen verdedigen. ‘Nederland moet zijn eigen koers bepalen’ Alsof er één Nederland is waar we allemaal bij horen te horen. Alsof zo’n overkoepelende identiteit niet de onderkant mobiliseert voor degenen die de bas zijn en zich de rijkdommen in het land – en ook van daarbuiten! – toe-eigenen.
Dat gaat dan verder met een pleidooi voor onafhankelijkheid. ‘Ons buitenland- en veiligheidsbeleid mag niet langer ondergeschikt zijn aan de geopolitieke belangen van andere mogendheden of machtsblokken, maar moet in dienst staan van vrede, internationale samenwerking en het internationaal recht’. Alsof buitenland- en veiligheidsbeleid iets van ‘ons’ zijn, en niet van hun daar boven ons. En alsof Nederland zelf geen eigen ‘geopolitieke belangen’ zou hebben, maar alleen in de hogere nevelen van nobele doelstellingen zou kunnen bestaan.
Nederland is een staat waarin een klassenheerschappij is georganiseerd. Daar onze verlangens naar vrede en recht op projecteren is illusiepolitiek in nationalistische kaders. Je kunt aan specifieke instanties van die staat en die klassenmaatschappij specifieke eisen stellen. Aan de regering bijvoorbeeld, aan gemeenten, aan bedrijven, aan de publieke omroep als die genocide schoon wast door middel deelname aan een liedjesfestival. Net hoe het uitkomt. De eisen verderop in punt vier – over meer zeggenschap, beleid dat niet achter gesloten deuren wordt gemaakt en dergelijke – zijn best zinnig.
Maar nobele vredesverwachtingen en hoop op gerechtigheid verpakken als eis en die aan Nederland als zodanig richten? Het is illusiepolitiek in nationalistische kaders. Nederland als staat, en de kapitalistenklasse wiens heerschappij met die staat is verbonden: het is de vijand, onze dichtbije vijand waar we ons juist als antimilitarist met hand en tand tegen te verzetten hebben. Nederland moet niet dit en dat, behalve verdwijnen als machtsfactor. Nederland als staat en bijbehorende klassenheerschappij hoort te opgedoekt, net als al die andere militariserende staten en klassenheerschappijen.
Terug naar het komende protest zelf. Als dat vooral in het teken staat van de punten één – tegen de militarisering – en twee – tegen imperialistische en genocidale oorlogen en de Nederlandse medeplichtigheid daaraan – dan ben ik er blij mee. Maar als het geluid van vooral punt drie gaat domineren, als de actie daarmee vooral een protest tegen wapensteun aan Oekraïne wordt, dan vind ik dat zorgwekkend en geen bijdrage aan een vrede waarvan we niet voor niets roepen dat die niet zonder recht kan bestaan. De leus ‘No Justice, No Peace’ is wat mij betreft dan ook in de Oekraïne-oorlog volop van kracht.
Noten:
(1) Stop de oorlogskoorts, ‘Eisen’, https://www.stopdeoorlogskoorts.nl/ . Op die site vind je ook tijd en plaats van de actie: zondag 27 september 2026, 13.00 uur, de Dam, Amsterdam.
(2) Hidde Bouwmeester, ‘De Vredesbeweging wil een duurzame vrede voor Oekraïne, maar legt niet uit hoe we dat gaan bereiken´, 24 september 2026, https://hiddebouwmeester.nl/de-vredesbeweging-wil-een-duurzame-vrede-voor-oekraine-maar-legt-niet-uit-hoe-we-dat-gaan-bereiken/ Ik vrees dat de in de titel van dit ook verder best lezenswaardige stuk verwoorde vraag een zinnige is. Ook van mensen van ver buiten onze kringen kunnen we soms iets leren.
(3) Zie bijvoorbeeld Nils Adler, ‘In Ukraine, forcible military recruitment efforts escalate into violence’, https://www.aljazeera.com/news/2026/8/19/in-ukraine-forcible-military-recruitment-efforts-escalate-into-violence De methoden lijken op die van ICE in de VS en verdienen volledige verwerping.
Peter Storm
Reacties (0)
Voeg nieuwe reactie toe
Wij tolereren geen: racisme, seksisme, transfobie, antisemitisme, ableisme enz.