Fredy Perlman: Tegen Zijn verhaal, tegen Leviathan!
(van wikipedia) Fredy Perlman (1934–1985) was een Amerikaanse auteur, vertaler, uitgever en activist. Zijn bekendste werk, Against His-Story, Against Leviathan! (Tegen Zijn verhaal, tegen Leviathan!), vertelt opnieuw het historische verhaal van de opkomst van staatsheerschappij (en heerschappij in het algemeen) door middel van een poëtisch onderzoek naar de Hobbesiaanse metafoor van de Leviathan. Hij vertaalde ook de eerste Engelse versie van De Spektakelmaatschappij, gepubliceerd in 1970.
Tegen Zijn verhaal, tegen Leviathan! (1983) herschrijft de geschiedenis van de mensheid als een strijd van vrije mensen die zich verzetten tegen het feit dat ze door Leviathans (een term die Thomas Hobbes gebruikte voor de soevereine natiestaat) worden veranderd in “zeks” (een Sovjetterm voor dwangarbeid die Perlman ontleende aan De Goelag Archipel). Het boek beïnvloedde de anarcho-primitivistische auteur John Zerzan. Filosoof John P. Clark stelt dat Against His-Story, Against Leviathan! Perlmans kritiek beschrijft op wat hij zag als “de millennia-lange geschiedenis van de aanval van de technologische megamachine op de mensheid en de aarde”. Clark merkt ook op dat het boek “anarchistische spirituele bewegingen” bespreekt, zoals de Gele Tulbandenbeweging in het oude China en de Broeders van de Vrije Geest in het middeleeuwse Europa.
Download het hele boek als PDF-file hier
Tegen Zijn verhaal, tegen Leviathan!
Vertaling Geert Carpels, Wodeke, 2025.
Voorwoord Franse uitgave 2006
Sinds zijn verschijnen in de Verenigde Staten in 1983, bekleedt dit boek van Fredy Perlman een onvermijdelijke plaats in de radicale antikapitalistische en anti-industriële kritiek. Opmerkelijk omwille van zijn literaire vorm evenals zijn analytische inhoud is dit essay een breekpunt met de traditionele marxistische analyse van de ontwikkeling van de productieve krachten van Moeder Aarde.
Perlman onthult met de originele titel reeds zijn programma: Against His-story is inderdaad een woordspelletje dat zowel de officiële geschiedschrijving als de verborgen kant van de eeuwen van aliënatie en uitbuiting aanklaagt. Deze ware aanklacht tegen Leviathan, de belichaming van de totalitaire en genocidale dominantie, is eveneens het verhaal van de nooit totaal uitgeroeide menselijke weerstand tegen deze ramp.
Voor het eerst in het Frans uitgegeven in een vertaling van Jean-Pierre Lafitte, verscheen deze versie oorspronkelijk als nummer 18 van het tijdschrift (DIS)CONTINUITÉ (onregelmatige verschijning en niet in de handel) eveneens voorzien van een uitgebreid stelsel van noten en verwijzingen die kunnen worden besteld bij het tijdschrift.
Met dank aan al wie deze uitgave mogelijk maakte.
Contact en bestellingen. [onder voorbehoud van update]
Teksten van Fredy Perlman in het frans: La Sociale, CP 266 Succ. C, Montréal, Quebec, Canada H2L 4K1
Teksten van Fredy Perlman in het Engels: Black and Red, PO Box 02374, Detroit, Michigan, USA 48202
(DIS)CONTINUITÉ, par François Bochet, Le Moulins des Chapelles, 87800 Janailhac, France.
1
En we staan hier als op een sombere vlakte
Temidden verward rumoer van vechten en vluchten
Waar onwetende legers slaags raken bij nacht en ontij. (M Arnold)
Je kunt hier staan noch liggen noch zitten
Er is in het gebergte zelfs geen stilte
Alleen dor en schraal gedonder zonder regen … (T S Eliot)
Die sombere vlakte is hier. Dit is de woestenij: Engeland, Amerika, Rusland, China, Israël, Frankrijk, …
En wij zijn slachtoffers, of toeschouwers, of medeplichtig, of daders van folteringen, uitroeiingen, vergiftigingen, manipulaties, verspillingen.
Hic Rhodus! Hier moet je springen, hier moet je dansen! Dit is de wildernis! Was er ooit een andere? Dit is de woestenij! Noem jij dit de vrijheid? Het is barbarij! Dit is het gevecht om te overleven. Hebben we dat niet altijd geweten? Is het geen publiek geheim? Is het niet altijd al het grote publieke geheim geweest?
Het blijft een geheim. Door iedereen gekend maar door niemand toegegeven. Voor het publiek is de wildernis ergens anders, de barbaren leven in het buitenland, en het verwilderde beest zien we op het gezicht van de ander. Het dorre en schrale gedonder zonder regen, het verwarde rumoer van vechten en vluchten wordt naar buiten geprojecteerd, in het grote onbekende, voorbij de zeeën en over berg en dal. Wij staan aan de kant van de engelen.
Een vorm met een leeuwenlichaam en een mannenhoofd,
Een blik leeg en meedogenloos als de zon,
Roert zijn trage dijen … (W B Yeats)
… roert zijn trage dijen tegen de geprojecteerde wildernis, tegen de weerspiegelde barbaarsheid, tegen het wilde gezicht dat uit de poel omhoogkijkt, zijn beweging ledigt de poel, vernietigt de oevers, laat slechts een dorre krater waar zonet nog leven was.
In een verrassend helder boek “De Aardrijkskunde voorbij” (Beyond Geography), dat ook verder kijkt dan de geschiedenis, verder dan de technologie, verder dan de beschaving, trekt Frederick W. Turner (niet te verwarren met Frederick Jackson Turner, de verdediger van de pioniers) de gordijnen open en overspoelt het podium met licht.
Anderen voor Turner trokken al de gordijnen open, ze maakten het geheim publiek: ik leen de lichten van tijdsgenoten zoals Toynbee, Drinnon, Jennings, Camatte, Debord, Zerzan; van voorgangers zoals Melville, Thoreau, Blake, Rousseau, Montaigne, Las Casas; en van Lao Tze, van zover het geschreven geheugen reikt.
Turner gebruikt de lichten van de mensengemeenschappen van voor de beschaving om verder te kijken dan de geografie. Hij kijkt met de ogen van de ontheemden van deze ooit zo mooie wereld die op de rug van een schildpad rust, van dit dubbele werelddeel met lege poelen, stukgereten oevers, met wouden die dorre kraters werden de dag dat het Amerika werd genoemd.
… een immens beeld uit de Spiritus Mundi
Vertroebelt mijn zicht …
Zijn aandacht op het beeld, vroeg Yeats,
En wat voor woest beest, zijn uur eindelijk aangebroken,
Sleept zich loom naar Bethlehem om te worden geboren?
Het visioen is even duidelijk voor Turner als voor Yeats:
De duisternis valt weer in; maar nu weet ik
dat twintig eeuwen loodzware slaap
tot een nachtmerrie werden getergd door een kribbe.
De zieners keerden als vanouds terug naar hun gemeenschappen om hun visioenen te delen, net zoals de vrouwen hun maïs deelden en de mannen hun jachtbuit.
Maar er is geen gemeenschap. Zelfs de herinnering aan de oude gemeenschappen is een vaag beeld uit de Spiritus Mundi.
De hedendaagse ziener spreidt zijn visie over vellen papier, op stukgereten oevers van dorre kraters waar geharnast tuig op wacht staat en het paswoord vraagt, Positief Bewijs. Geen enkel visioen haalt die deuren. Het enige lied dat weerklinkt is zo droog en zo dood als de fossielen in het zand.
Turner, die zelf een wachter is, een professor, heeft de moed van een Bartolomé de Las Casas. Hij bestormt de deuren, weigert het paswoord te geven, en hij zingt, hij raast, hij danst bijna.
Het harnas valt af. Zelfs als het niet gedragen wordt zoals kleren of maskers, zelfs als het aan het lijf en het gezicht kleeft, zelfs als huid en vlees er mee afgerukt moeten worden, het harnas komt eraf.
De laatste tijd worden de deuren dikwijls bestormd. Recent nog zong er een dat het netwerk van fabrieken en mijnen de Goelagarchipel heette en dat alle werknemers zeks waren (dat wil zeggen lijfeigenen, gevangenen, werkkamparbeiders). Een andere zong dat de Nazi’s de oorlog verloren maar hun nieuwe orde niet. Er zijn meer en meer razenden. Zal het binnenkort regenen? Is dit de schemering van een nieuwe ochtend? Of is het de schemering waarin de uil van Minerva kan zien omdat de dag al voorbij is?
Download het hele boek als PDF-file hier
Reacties (0)
Voeg nieuwe reactie toe
Wij tolereren geen: racisme, seksisme, transfobie, antisemitisme, ableisme enz.